
日
蘭
蘭
辭
典
典
日蘭辭典+
日蘭辭典 (trefwoord)
jitchi・實地
(実地) zn. praktijk v.; werkelijkheid v.; toepassing v.; uitvoering v. ¶ 實地に in de praktijk; in werkelijkheid. ¶ 實地經驗 praktsiche ervaring. ¶ 實地に行ふ uitvoeren.
benzuru・辨ずる
(弁ずる) t.w. (1) [辨別] onderscheiden; onderscheid maken. (2) [供給] verschaffen. (3) [處辨] afhandelen; uitvoeren; afdoen. ¶ 直ぐに外に出れば何でも用が辨じます als wij maar even de deur uitgaan kunnen we alles krijgen. ¶ お前を使にやっても用が辨じない als ik jou om een boodschap uitzend word die nooit behoorlijk uitgevoerd.
yushutsu・輸出
zn. uitvoer m.; export m. ¶ 輸出する uitvoeren; exporteeren. ¶ 輸出商 exporteur. ¶ 輸出稅 uitvoerrecht.
TEKST EN UITLEG (trefwoord)
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <uitvoeren>
さらす sarasu (1) [vulg.;bel.] doen; uitvoeren; uitspoken; flikkeren; (2) [vulg.;bel.] […さらす] [= uitgang die het voorgaande werkwoord vergrooft]
アウトプットする autoputtosuru (1) produceren; voortbrengen; opleveren; opbrengen; (2) [comp.] als output leveren; uitvoeren
アンケートをとる ankētōtoru een enquête houden; instellen; uitvoeren; afnemen; enquêteren; omvragen
上演する jōensuru opvoeren; vertonen; voorstellen; uitvoeren; vertolken; spelen; (ten tonele) brengen; presenteren; tonen; een voorstelling geven van; op de planken brengen
下す;降す kudasu (1) neerlaten; laten zakken; strijken; (2) geven; schenken; verlenen; toekennen; (3) [命令を] uitvaardigen; [判決を] uitspreken; vellen; strijken; [結論を] trekken; (4) [自ら手を] doen; uitvoeren; verrichten; (5) [おなかを] buikloop; diarree hebben; [虫を] wormen hebben; (6) [敵を] verslaan; winnen van; overwinnen; kloppen
不時着する fujichakusuru een noodlanding maken; uitvoeren
仕出す shidasu (1) beginnen te doen; aanvangen; aan de slag gaan met; starten met; (2) [料理を] cateren; maaltijden verzorgen; leveren; verschaffen; aan huis bezorgen; diners uitzenden; (3) vervaardigen; uitvinden; scheppen; creëren; in het leven roepen; instellen; (4) [身代を] verwerven; opbouwen; maken; (5) klaarspelen; voor elkaar krijgen; klaarkrijgen; gedaan krijgen; bewerkstelligen; tot stand brengen; uitvoeren
代行する daikōsuru voor anderen doen; uitvoeren; waarnemen; vervangen; als iems. plaatsvervanger fungeren
公演する kōensuru (1) optreden; een uitvoering; voorstelling geven; spelen; performen; (2) opvoeren; uitvoeren; vertonen; op de planken brengen; presenteren
出力する shutsuryokusuru [comp.] uitvoeren; als output leveren
取り扱う toriatsukau (1) behandelen; aanpakken; doen in; verwerken; in behandeling nemen; afhandelen; regelen; uitvoeren; (2) bejegenen; behandelen; tegemoet treden; omgaan met; omspringen met; [w.g.] rondspringen met; (3) bedienen; hanteren
執り行う toriokonau houden; verrichten; voltrekken; uitvoeren
執行する shikkōsuru uitvoeren; ten uitvoer leggen; ten uitvoer brengen; voltrekken; executeren; [m.b.t. testament] afwikkelen
奏する sōsuru (1) [muz.] bespelen; spelen; ten gehore brengen; uitvoeren; (2) behalen; verwerven; [効を] effect sorteren; uitwerking hebben; (3) de keizer(-emeritus) petitioneren
実施する jisshisuru ten uitvoer brengen; leggen; uitvoeren; tot uitvoering brengen; implementeren; effectueren; in werking doen treden; van kracht doen worden; toepassen; uitoefenen; doorvoeren; [m.b.t. een evenement] houden
実行する jikkōsuru (in de praktijk) toepassen; uitvoeren; uitvoering geven aan; ten uitvoer brengen; leggen; in praktijk brengen; implementeren; vervullen; realiseren; effectueren; verrichten; uitoefenen; volvoeren; doorvoeren; beoefenen; [m.b.t. belofte] nakomen; [m.b.t. wet] van kracht doen worden; in werking doen treden
実践する jissensuru praktiseren; in de praktijk toepassen; in praktijk brengen; beoefenen; uitvoeren; uitvoering geven aan; uitoefenen; realiseren; verwerkelijken; implementeren; effectueren; het niet (alleen) bij woorden laten
実験する jikkensuru experimenteren; proefnemingen doen; proeven doen; nemen; een experiment doen; uitvoeren; proefondervindelijk testen
履行する rikōsuru [jur.] presteren; nakomen; uitvoeren; vervullen; volbrengen; verrichten; zich kwijten van; ten uitvoer brengen; ten uitvoer leggen; implementeren
成し遂げる nashitogeru volbrengen; volvoeren; voltooien; uitvoeren; doorzetten; [目的を] bereiken; verwezenlijken
成就する jōjusuru (1) werkelijkheid worden; verwezenlijkt worden; uitkomen; slagen; (2) tot een goed einde brengen; tot stand brengen; vervullen; verwezenlijken; realiseren; volbrengen; voltooien; volvoeren; uitvoeren; ten uitvoer brengen; voor elkaar krijgen; [目的を] bereiken
手術する shujutsusuru opereren; een operatie verrichten; doen; uitvoeren; operatief ingrijpen
打ち抜く uchinuku (1) ponsen; drevelen; stansen; doorslaan; perforeren; doorboren; uitponsen; uitstansen; (2) tot één ruimte maken; doorslaan; scheidsmuren wegnemen; tussenschotten verwijderen; kamers doorbreken; uitbreken; van twee; meerdere kamers één maken; (3) volledige uitvoering geven aan; uitvoeren; doorvoeren; doorgaan met; doorzetten
打 da (1) [honkb.] batting; het slaan met het bat; [golf] slag; stroke; (a) slaan; kloppen; (b) verrichten; uitvoeren; (c) [honkb.] slaan; batten
挙行する kyokōsuru uitvoeren; vieren; [レセプションを] aanrichten; houden
敢行する kankōsuru (1) gedecideerd; vastberaden optreden; fors ingrijpen; (2) durven; aandurven; wagen; het lef hebben te; (3) uitvoeren; verrichten; doen; ten uitvoer brengen; ten uitvoer leggen; implementeren
施す hodokosu (1) geven; verlenen; [恩恵を] bewijzen; [注釈を] voorzien van; [面目を] aandoen; (2) uitvoeren; doen; [手段を] aanwenden; [策を] (onder)nemen; treffen; [洗礼を] toedienen
施工する shikōsuru ten uitvoer leggen; brengen; uitvoeren
施工する sekōsuru ten uitvoer leggen; brengen; uitvoeren
施行する shikōsuru [法律を] uitvoeren; ten uitvoer brengen; ten uitvoer leggen; toepassen; in werking stellen; zetten
果たす hatasu (1) doen; uitvoeren; ondernemen; verrichten; ten uitvoer brengen; leggen; bewerkstelligen; (2) vervullen; volbrengen; voltooien; volvoeren; voldoen; zich kwijten van; tot stand brengen; bereiken; verwezenlijken; realiseren; tot een goed einde brengen; waar maken; voor elkaar krijgen; (3) een dankbedevaart ondernemen; (4) afmaken; doden; (5) geheel ten einde toe + ww.Gevoegd achter de ren'yōkei van een dōshi.
演じる enjiru (1) uitvoeren; opvoeren; vertolken; vertonen; spelen; acteren; de rol spelen van; uitbeelden; neerzetten; op de planken; het toneel brengen; ten tonele brengen; [醜態を] bieden; (2) spelen; zich gedragen als; zich voordoen als
演ずる enzuru (1) uitvoeren; opvoeren; vertolken; vertonen; spelen; acteren; de rol spelen van; uitbeelden; neerzetten; op de planken; het toneel brengen; ten tonele brengen; [醜態を] bieden; (2) spelen; zich gedragen als; zich voordoen als
興行する kōgyōsuru op de planken brengen; opvoeren; uitvoeren; spelen; vertonen; brengen
行う okonau (1) doen; handelen; aanvangen; (2) zich gedragen; (3) uitvoeren; volbrengen; tot uitvoering brengen; toepassen; implementeren; verwezenlijken; effectueren; (4) [取り締まりを] uitoefenen; [法律を] opleggen; in werking stellen; doen uitvoeren; [研究を] voeren; leiden; bedrijven; (5) [会議;葬式;祭りを] houden; [儀式を] uitvoeren; opvoeren; vieren; celebreren; voltrekken
行 kō (1) het gaan; gang; tocht; reis; toer; (2) [Chin.gesch.] winkelwijk; handelswijk (in Suí; Táng-China); (3) [Chin.gesch.] ambachtsgilde; gilde; gild (in Táng-China); (4) [Chin.gesch.] xíng; ballade [= klassiek Chinees episch dichtstuk]; (a) gaan; (b) reis; toeren; (c) uitvoeren; daad; handeling; (d) winkel; handel; [i.h.b.] bank
調達する chōtatsusuru (1) bevoorraden met; voorzien van; verwerven; verschaffen; aanbrengen; leveren; inslaan; aankopen; aanschaffen; inkopen; (2) [金を] werven; inzamelen; (3) [注文を] uitvoeren
貫く tsuranuku (1) gaan door; zich een weg banen door; doordringen; (heen)dringen door; penetreren; zich boren door; (2) uitvoeren; doorvoeren; volvoeren; blijven bij
足す tasu (1) optellen; een optelling maken; (2) toevoegen; bijvoegen; erbij doen; (3) aanvullen; volledig maken; [form.] suppleren; [m.b.t. tekort] bijleggen; (4) zich kwijten van; doen; verrichten; uitvoeren; vervullen; volbrengen
輸出する yushutsusuru exporteren; uitvoeren
遂げる togeru volbrengen; uitvoeren; tot stand brengen; tot een goed einde brengen; voltooien; volvoeren; vervullen; realiseren; verwezenlijken; [目的を] bereiken; [進歩を] boeken; [死を] vinden
遂行する suikōsuru vervullen; uitvoeren; verrichten; voltrekken; doorvoeren; ten uitvoer brengen; ten uitvoer leggen; uitoefenen; verwezenlijken; implementeren; volbrengen; volvoeren; betrachten; zich kwijten van; [目的を] bereiken
運び出す hakobidasu eruit; naar buiten dragen; uitdragen; naar buiten voeren; uitvoeren
運営する un'eisuru leiden; besturen; beheren; administreren; runnen; [国事を] voeren; uitvoeren; [会議を] voorzitten
遣り抜く yarinuku tot het einde volhouden; tot het einde doorzetten; tot een goed einde brengen; het er goed vanaf brengen; uitzingen; afmaken; volbrengen; voltooien; volvoeren; nakomen; uitvoeren
Tijd: 1.24 sec. jiten.nl: 10 treffers, warandict: 45 treffers (zoekopdracht: 'uitvoeren').
2005-2026
