
日
蘭
蘭
辭
典
典
日蘭辭典+
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <baren>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
上げる ageru (1) heffen; opheffen; omhoogheffen; verheffen; oprichten; tillen; optillen; omhoogtillen; omhoogbrengen; liften; verhogen; eleveren; [凧を] oplaten; opsteken; [棚に] leggen op; opleggen; [帆を] hijsen; ophijsen; omhooghijsen; opbrengen; opvissen; [碇を] lichten; hieuwen; [陸に] landen; aan land zetten; [顔を] opkijken; (2) loven; prijzen; roemen; huldigen; ophemelen; hoog opgeven van; (3) opvoeren; doen toenemen; optrekken; opjagen; opdrijven; [温度を] hoger zetten; [すぴーどを] vergroten; (4) bevorderen; promoveren; (5) overgeven; braken; opgeven; kotsen; vomeren; over z'n nek gaan; [gew.] opbrengen; (6) [客を] binnenlaten; inlaten; brengen; leiden naar; geleiden; (7) [学校へ] op school doen; (8) geven; aanbieden; toedienen; offreren; schenken; voorzetten; [娘を] wegschenken; (9) offeren; ten offer brengen; (10) overhandigen; ter hand stellen; reiken; overreiken; (11) ten einde brengen; afdoen; afwerken; volbrengen; voltooien; (12) klaarspelen; gedaan weten te krijgen; (13) [式を] houden; vieren; celebreren; fêteren; (14) [例を] geven; vermelden; noemen; aanhalen; citeren; aanvoeren; leveren; opnoemen; opsommen; opgeven; opvissen; (15) [子を] krijgen; [母が] het leven schenken; baren; [父が] verwekken; (16) verbeteren; ontwikkelen; ontplooien; (17) [髪を] doen; opmaken; opsteken; kappen; (18) aanhouden; pakken; oppakken; vatten; inrekenen; snappen; in hechtenis nemen; in de kraag grijpen; arresteren; (19) [芸者を] bestellen; laten komen; erbij halen; uitnodigen; ontbieden; engageren; (20) frituren; in kokend vet bakken; braden; [gew.] fritten; (21) [結果を] behalen; bereiken; verkrijgen; verwerven; realiseren
出産する shussansuru baren; bevallen (van); ter wereld brengen; het leven schenken aan; verlost worden van
巻き起こす makiokosu (1) [砂塵を] doen opwaaien; (2) veroorzaken; zorgen voor; creëren; baren
生み出す umidasu (1) [子を] baren; ter wereld brengen; het leven schenken aan; [卵を] leggen; (2) scheppen; voortbrengen; (3) opleveren; produceren; genereren; leveren; [利益を] geven; dragen
生む;産む umu (1) [赤ちゃんを] baren; ter wereld brengen; het leven schenken aan; krijgen; bevallen van; [動物が子供を] jongen; werpen; [牛;象;鯨が子を] afkalven; [卵を] leggen; (2) voortbrengen; produceren; scheppen; doen bestaan; opleveren; opbrengen; teweegbrengen; in het leven roepen; het aanzijn geven; [lit.t.] in het aanzijn roepen; [lit.t.] tot aanzijn roepen; [疑惑を] wekken; [利子を] geven; dragen
生 shou (1) leven; (2) cash; (3) afkomst; geboorte; (4) sprekend gelijkend; (a) leven; (b) levend wezen; (c) baren; geboren worden; (d) kiemen; opgroeien; (e) onbewerkt; rauw
産み落とす umiotosu baren; het leven schenken aan; bevallen van; werpen; [卵を~] leggen; schieten
産 san (1) het baren; het bevallen; bevalling; baring; partus; verlossing; geboorte; [fig.] kraambed; (2) bakermat; geboorteplaats; origine; afkomst; afstamming; [fig.] wieg; (3) product; [m.b.t. personen] een geboren …; [fig.;m.b.t. personen] zoon; dochter van …; ingeborene van …; (4) fortuin; vermogen; rijkdom; bezit; middelen; (5) made in …; vervaardigd in …; afkomstig uit …; uit …; van … afkomst; van …; … van geboorte; geboortig van; uit; … van origine; van … bodem; (a) baren; een kind ter wereld brengen; (b) voortbrengen; product; (c) vermogen; bezit
Tijd: 1.37 sec. jiten.nl: 6 treffers, warandict: 8 treffers (zoekopdracht: 'baren').
2005-2026
