日蘭辭典+

33 resultaten voor ‘lang’
日蘭辭典 (trefwoord)
diabun大分
bw. zeer; heel; in hevige mate. ¶ 大分早く起きる zeer vroeg opstaan. ¶ 大分經ってから na geruimen tijd. ¶ 大分なる het is lang geleden. ¶ 大分氣分がよい zich veel beter voelen.
chōsei長生
zn. lang leven o. ¶ 長生する lang leven.
kotobuki

(寿) zn. (1) [祝] gelukwensch m.; felicitatie v. (2) [長命] hooge leeftijd m.; lang leven o. ¶ 壽ぐ gelukwenschen; feliciteeren.

zensen全線

bn. langs het geheele front (戰線).

zashiki座敷

zn. kamer v.; vertrek o.; zaal v. ¶ 座敷がたがい lang blijven. ¶ 座敷牢 huisarrest; kamerarrest. ¶ 座敷敷が掛かる door gasten geroepen zijn; dienst hebben.

yoippari suru宵張する

i.w. laat opzitten; lang opblijven.

yōbō要望

zn. eisch m.; dringende behoefte v. ¶ 多年の要望に應ずる in een lang gevoelde behoefte voorzien.

yayahisasiku良久しく

bw. vrij lang; een heelen tijd.

yakisugiru燒過ぎる

(焼過ぎる) t.w. te lang laten bakken; te donker afdrukken (寫眞を).

urei

zn. (1) [愁] verdriet o.; droefenis v. (2) [憂] zorg v.; bezorgdheid v.; vrees v. ¶ 愁に沈む in diepe droefheid zijn. ¶ 水難の憂がある wij zijn bevreesd voor overstrooming; er is gevaar voor watersnood. ¶ 憂顏 lang gezicht.

umazura馬面

zn. lang gezicht o.

ukai迂囘

(迂回) zn. omweg m. ¶ 迂囘手段 indirecte methode. ¶ 迂囘運動 omtrekkende beweging. ¶ 迂囘する omweg maken. ¶ 迂囘して langs een omweg; indirect. ¶ 迂囘線 locaalspoorweg.

uchisugiru打過ぎる

(打ちすぎる) i.w. te ver gaan; voorbijgaan. ¶ 御無沙汰に打過ぎ申御容赦被下度 vergeef mijn al te lang stilzwijgen.

uchitsuzuku打續く

(打続く) i.w. lang voortgezet worden; lang voortduren.

uchikake打掛

zn. lange overjas v.

tsutau傳ふ

(伝う) i.w. gaan langs. ¶ を傳つてゆく langs den dijk loopen. ¶ 鳶葛を傳つて下りる langs het klimop naar beneden klauteren.

tsukaide使で

(使い出) zn. bruikbaarheid v.; duurzaamheid v. ¶ 使でがある lang gebruikt kunnen worden; langdurige diensten bewijzen. ¶ 田舍の百圓は使でがある op het platte land kan men met honderd yen lang toekomen.

tsuite就いて

vz. (1) [關して] met betrekking tot; aangaande; wat betreft; omtrent; van; over; voor. (2) [每に] per. (3) [沿うて] langs. (4) [共に] met. ¶ 是に就いて wat dit betreft; hieromtrent. ¶ 一斤について五十錢 vijftig sen per kin. ¶ 川について行く langs de rivier loopen; de rivier volgen. ¶ 兄について行く met zijn broer meegaan.

SUPPLEMENT (trefwoord)
tachippanashi立ちっぱなし
zn. lange tijd staan; lange tijd op je voeten staan. NB de afkorting 立ちっぱ (tachippa) komt ook voor. ¶_ 結構長いライブで、立ちっぱなしだったりで、みなさんつかれてないですか?? Waren jullie doordat het een nogal lange voorstelling [show] was en jullie al die tijd moesten staan niet moe??
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <lang>
ラング rangu (1) [taalk.] langue [= abstract taalsysteem]; (2) [plantk.] ranggu; Koordersiodendron pinnatum; (3) Lang; Lange; Laing
ロング rongu (1) lang; (2) [tafeltennis] lang spel; (3) [filmk.] longshot; opname op grote afstand; (4) lange rok; (5) lang haar; (6) Long
久しい hisashii langdurig; lang; al lang bestaand
暫く;且;姑;須臾 shibaraku (1) even; (voor) korte; enige tijd; een poosje; tijdje; zo; een ogenblikje; een momentje; een minuut(je); [inform.] effe; [inform.] effen(tjes); [inform.] effies; [i.h.b.] voorlopig; [i.h.b.] vooreerst; [i.h.b.] voorshands; [i.h.b.] voor het ogenblik; (2) een hele tijd; poos; een aardig tijdje; poosje; geruime tijd; lang; [uitdr.] een stief kwartiertje; (3) da's lang geleden; lang niet meer gezien
永続する eizokusuru blijvend voortduren; permanent aanhouden; lang meegaan; lang; eeuwig blijven bestaan; duurzaam standhouden; eindeloos; een eeuwigheid duren; permanent; duurzaam zijn; bij voortduring blijven
浮かぬ顔 ukanukao bedrukt; lang; zuur; somber; betrokken gezicht; droevig figuur
shū (a) gedroogd vlees; (b) naar behoren inrichten; ordenen; fatsoeneren; (c) lang
長い nagai (1) lang; langdurig; langgerekt; langtijdig; (2) lankmoedig; geduldig
長い間 nagaiaida allang; (reeds) lang; (al) een hele tijd; lange tijd; langdurig; een eeuwigheid
長らく nagaraku een lange tijd; een hele poos; lang; een aardig tijdje
長刀 chōtō (1) lang; groot zwaard; degen; (2) hellebaard; partizaan
naga (1) [verkorting van nagaten 長点 (met langgerekte stippen gemarkeerd;d.w.z. bekroond dichtstuk)]; (2) [verkorting van nagagamishimo 長上下 (lang staatsiekleed van een samoerairidder)]; (3) [verkorting van nagakake 長掛 (lang overkleed)]; (4) [woord voor langgerekte dieren (bv. slangen;alen e.d.)]; (5) lang-; met lange ~; (6) langdurig; slepend; langgerekt; (7) lang-; met lange ~; (8) geduldig (qua ~); gelaten ~
高い takai (1) hoog; [背が〜] groot; lang; rijzig; scheutig; (2) hoog; schel; schril; schetterig; snerpend; hard; luid; doordringend; (3) alom bekend; welbekend; (4) hooggeplaatst; aanzienlijk; voornaam; (5) verheven; hooggestemd; nobel; edel; hoogstaand; (6) hooghartig; laatdunkend; superieur; trots; [fig.] opgeblazen; uit de hoogte; (7) hoog in prijs; duur; prijzig; kostbaar; duurkoop; aan de prijs; hoog genoteerd; expensief; [gew.] kostelijk; [Barg.] jouker; [Barg.] branderig
鰻の寝床 unaginonedoko [~のような家] lang; smal huis
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 1.38 sec. jiten.nl: 19 treffers, warandict: 14 treffers (zoekopdracht: 'lang'). 
2005-2026