
日
蘭
蘭
辭
典
典
日蘭辭典+
日蘭辭典 (trefwoord)
jikka・實科
(実科) zn. praktische cursus m.
shinan・指南
zn. aanwijzing v.; onderricht o.; les v.
kun・訓
zn. (1) [敎訓] les v.; leering v.; zedelijk voorschrift o. (2) [訓讀] Japansche uitspraak van een Chineesch karakter.
kyōben・敎鞭
(教鞭) zn. tucht v.; onderwijs o.; onderricht o. ¶ 敎鞭を執る les geven; onderwijzen.
kyōka・敎課
(教課) zn. les v.
SUPPLEMENT (trefwoord)
ganbatte・頑張って
Uitdr. Houd vol! Geef niet op! Zet door! Doorzetten! Volhouden! ¶ 君なら成功できるよ、がんばって。僕は見捨てない。 ♂ Jij kunt het echt wel, houd vol. Ik zal je niet in de steek laten. ¶ できるだけがんばってやってみます。Ik zal mijn uiterste best doen. ¶ 彼はその難しい課題をがんばってやった。Hij bleef zijn best doen op die lastige lessen. ¶ 新しい仕事がんばってください。Zet hem op met je nieuwe baan / succes met je nieuwe baan.
hoshū・補習
(zn; -suru ww.) Het geven van onderwijs buiten de reguliere schooltijden voor het bijbrengen van extra kennis; aanvullend onderwijs; aanvullende les; bijles. ¶ 補習する hoshūsuru bijles geven; aanvullend onderwijs geven. ¶ 補習教育 hoshū kyōiku aanvullend onderwijs; voortgezet onderwijs. ¶ 先生も連休をエンジョイしたかったが、どっかの6人組の補習やら準備やらで連休無かったぞ! Sensei mo renkyū wo enjoi shitakatta ga, dokka no roku-ningumi no hoshū yara junbi yara de renkyū nakatta zo! Ik had ook van de vakantieperiode willen genieten, maar door aanvullende lessen, voorbereidingen en wat al niet voor een zekere ploeg van zes personen had ik helemaal geen vakantie! (TTC)
juku・塾
(zn.) Afkorting van 学習塾 gakushūjuku. Vooral op het lager en middelbaar onderwijs gerichte (private) instellingen die tegen betaling ondersteunend onderwijs aanbieden in de naschoolse uren. In het Engels wel aangeduidt als cram schools. In het Nederlands bestaat het vooralsnog niet erg gangbare, maar wel begrijpelijke woord ‘drillschool’. ¶ 塾生 jukusei een student die les volgt bij een juku; student; leerling; scholier. ¶ 塾長 jukuchō de directeur van een privéschool ¶ 駅から伸びるメインストリート沿いには学習塾や予備校などの教育関係の企業の進出が著しい。 Eki kara nobiru meinsutoriito zoi ni wa gakushūjuku ya yobinkō nado no kyōiku kankei no kigyō no shinshutsu ga ichijirushii. De opmars van onderwijs gerelateerde instellingen zoals juku's [naschoolse bijles] en yobikō's [onderwijs gericht op universitaire toelatingsexamens; prep schools] vanaf het station langs de hoofdstraat is opvallend. (BCWK)
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <les>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
レス resu (1) antwoord; reactie; weerklank; respons; (2) löss; Limburgse klei; (3) Les; (4) -loos; -vrij
レッスン ressun (1) les; (2) les
他山の石 tazannoishi ± voorbeeld; les; stof tot nadenken
勉強 benkyou (1) studie; les; (2) ijver; vlijt; naarstigheid; noestheid; applicatie; arbeidzaamheid; werkzaamheid; (3) ijverig; vlijtig; naarstig; noest; arbeidzaam; werkzaam
学課 gakka (1) leerstof; lesstof; leerwerk; schoolwerk; (2) les
就く tsuku (1) [werk enz.] vinden; [een functie;ambt;leeropdracht enz.] aanvaarden; [aan het bewind;op de troon enz.] komen; [de troon] bestijgen; beklimmen; [in een nieuwe baan enz.] beginnen; [bij het leger enz.] dienst nemen; [aan het werk enz.] tijgen; (2) [m.b.t. reis] aanvaarden; aanvangen; [in slaap] vallen; [m.b.t. de wacht] betrekken; [in de verdediging enz.] gaan; (3) les; college lopen (bij); studeren (bij); [de weg van de minste weerstand enz.] volgen
戒め imashime (1) vermaning; vermaan; terechtwijzing; berisping; uitbrander; reprimande; les; onderwijzing; (2) verbod; (3) waarschuwing
授かる sazukaru (1) geschonken; toegekend krijgen; gezegend; begiftigd zijn met; bedacht worden met; genieten; ontvangen; (2) les; onderricht krijgen in; onderwezen worden in; ingewijd worden in
授業 jugyou les; school; [大学の] college; het lesgeven; onderwijs; onderricht; [mil.] instructie
教え oshie (1) onderwijs; het lesgeven; onderricht; les; instructie; lering; (2) leer; voorschrift; doctrine
教訓 kyoukun les; zedenles; moraal
科 ka (1) [boeddh.] vraagstuk; (2) [onderw.] vak; onderdeel; les; (3) [onderw.] afdeling; departement; onderzoekseenheid; sectie; vakgroep; [mil.] component; (4) item; punt; (5) [biol.] familie; (6) [jur.] onderdeel; punt van een aanklacht; onderdeel van een tenlastelegging; beschuldiging; (7) [Chin.gesch.] examenvak voor ambtenaren; examenstof; (8) [Barg.] strafblad; strafregister; eerdere veroordeling; (9) gat; hol; kuil; (a) onderverdeling; rang; soort; (b) [biol.] familie; (c) strafbaar feit; fout; schuld; (d) [theat.] het acteren
稽古 keiko (1) studie van de oude geschriften; studie van de klassiekers; (2) oefening; training; (3) scholing; onderricht; (4) studie; wetenschap; (5) les; college; cursus; (6) toneelrepetitie; repetitie; het instuderen van een toneelstuk
訓 kun (1) de Japanse uitspraak van een kanji; (2) lering; les; onderricht; zedelijk voorschrift; stichtend verhaal
課 ka (1) les; (2) afdeling [van een bedrijf;firma]
講 kou (1) [onderw.] hoorcollege; college; les; lezing; leerrede; (2) [boeddh.] boeddhistische bijeenkomst; catechetische bijeenkomst; (3) [boeddh.] boeddhistische dienst; liturgie; (4) [boeddh.;shintoïstische] congregatie; vereniging; (5) [fin.] coöperatieve kredietvereniging; lokale vereniging voor onderlinge hulp en bijstand; (a) uitleggen; preken ; (b) lezing; onderricht; college; (c) leren; studeren; (d) tot een schikking komen; beslechten; bijleggen; (e) [boeddh.] catechetische bijeenkomst; (f) godsdienstige vergadering; bijeenkomst; gemeente; (g) [fin.] spaar- en kredietvereniging
講座 kouza (1) leerstoel; onderzoekseenheid; [afk.] OE; (2) [boeddh.] katheder; cathedra; (3) college; les; voordracht; lezing aan een universiteit; (4) cursus; lezingencyclus; leergang; (5) [maatwoord voor colleges;lessen]
講義 kougi [onderw.] hoorcollege; college; les; lezing
講習 koushuu cursus; les
Tijd: 1.49 sec. jiten.nl: 14 treffers, warandict: 19 treffers (zoekopdracht: 'les').
2005-2026
