日蘭辭典+

35 resultaten voor ‘overbrengen’
日蘭辭典 (trefwoord)
kuri-ire繰入れ

zn. overbrengen o.; overboeking v. ¶ 繰入れる overbrengen; overboeken.

kurikoshi繰越し
utsusu移す

t.w. (1) [移轉] verplaatsen; overbrengen; transporteeren. (2) [液體] overgieten; schenken. (3) [時を] verliezen; laten voorbijgaan. ¶ 移し得る roerend; verplaatsbaar. ¶ 視線を移す de oogen richten op.

unpan運搬

zn. vervoer o. ¶ 運搬する vervoeren; overbrengen. ¶ 運搬費 vervoerkosten; transportkosten.

tsutae

(伝) zn. overlevering v.; traditie v.; legende v. ¶ 傳へる (傳授) mededeelen; laten weten; overleveren (傳移); overbrengen (傳達); doorzenden (傳送). ¶ 父より子に傳へる van vader op zoon overleveren. ¶ 私より宜しくとお傳へ下さい doe hem mijn hartelijke groeten. ¶ 財產を傳へる fortuin nalaten.

SUPPLEMENT (trefwoord)
yoroshikuよろしく、宜しく
bw. (1) goed; behoorlijk; geschikt; passend (2) [groeten overbrengen] ¶ ご家族によろしくお伝え下さいGokazoku ni yoroshiku otsutae kudasai. Doe alsjeblieft de groeten aan je gezin [familie]. ¶ お父さんによろしく。Otōsan ni yoroshiku. Doe de groeten aan je Pa. (3) [introducties, zorgen voor] ¶ こんにちは。は田中一郎です。よろしくお願いします。♂ Konnichi wa. Boku wa Tanaka Ichirō desu. Yoroshiku onegaishimasu. Hallo! Ik ben Ichiro Tanaka. Leuk jullie te ontmoeten (lett. [behandel] mij behoorlijk). ¶ 息子をよろしくお願いします。 Musuko wo yoroshiku onegaishimasu. Zorg alstublieft goed voor mijn zoon.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <overbrengen>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
伝える tsutaeru (1) (iem.) zeggen (dat hij …); melden; berichten; vertellen; bekendmaken; [een boodschap enz.] doorgeven; afgeven; overbrengen; meedelen; tot uitdrukking brengen; vertolken; (2) [kennis enz.] overdragen; aanleren; doorgeven; overleveren; nalaten; vermaken; [i.h.b.] inwijden; [i.h.b.] initiëren; (3) overzetten; overbrengen; [nat.] geleiden; transmitteren; doen voortplanten; (4) invoeren; introduceren; brengen naar
伝導する dendousuru [nat.] geleiden; overbrengen
伝達する dentatsusuru overbrengen; overdragen; doorgeven; communiceren; mededelen
口述する koujutsusuru mondeling verklaren; overbrengen; dicteren; mondeling kenbaar maken
宣ふ notamafu (1) [hon. variant van 言う;告げる] zeggen; melden; vertellen; (2) mondeling doorgeven; overbrengen; mededelen
寄越す;遣す yokosu (1) sturen; zenden; afzenden; oversturen; overzenden; toesturen; toezenden; doen toekomen; overbrengen; overhandigen; geven; overgeven; (2) [aangehecht aan de ren'yōkei + て]
密告する mikkokusuru heimelijk inlichten; doorvertellen; vertrouwelijke inlichtingen verstrekken; tippen; verklikken; klikken; overbrieven; overbrengen; aangeven; denonceren; denunciëren; verraden; verlinken; [niet alg.] overdragen
届ける todokeru (1) zenden; sturen; overbrengen; bezorgen; brengen; bestellen; leveren; afleveren; opsturen; (2) aangeven; ter kennis brengen van; kennis geven van; melden; notificeren; notifiëren; aangifte doen van; bericht geven van; berichten; bekendmaken; rapporteren; aanbrengen; [een adreswijziging enz.] opgeven; [iems. overlijden enz.] aanzeggen; aanzegging doen van
搬送する hansousuru (1) verzenden; transporteren; vervoeren; overbrengen; overdragen; overleveren; overzenden; (2) uitzenden
渡す watasu (1) overzetten; overvoeren; overvaren; overschepen; (2) [m.b.t. touw] spannen; [m.b.t. brug] leggen; slaan; bouwen; (3) overbrengen; overmaken; overdragen; delegeren; overleveren; overgeven; uitleveren; afdragen; afstaan; opgeven; (4) overhandigen; in handen geven; indienen; ter hand stellen; afgeven; overreiken; aanreiken; presenteren; leveren
直す naosu (1) [m.b.t. fout] goedmaken; herstellen; [pregn.] maken; redresseren; corrigeren; verbeteren; ophalen; rechtzetten; rechttrekken; rechtbreien; rectificeren; in de juiste stand zetten; in orde brengen; opknappen; bijwerken; [een euvel;gebrek e.d.] verhelpen; [zich;iem. een gewoonte enz.] afleren; afhelpen (van); (2) herstellen; repareren; maken; opknappen; helen; kalfaten; kalfateren; (3) wijzigen; veranderen; herzien; hervormen; omzetten; transponeren; ombuigen; omschakelen; converteren; omwisselen; (4) vertalen; overbrengen; overzetten; (5) verheffen tot; transcenderen; doen rijzen tot; promoveren tot; (6) opnieuw ~; nog eens ~; van voren af aan ~; over-; her-; re-; om- [aangesloten op de ren'yōkei van dōshi]
移転する itensuru (1) verhuizen; (2) verplaatsen; verhuizen; overbrengen; overplaatsen; (3) overdragen; transfereren; overboeken
移送する isousuru (1) doorsturen; doorzenden; (2) doorverwijzen; verwijzen; overbrengen; transporteren; overplaatsen
移項する ikousuru [wisk.] transponeren; overbrengen
翻訳する;飜訳する honyakusuru vertalen; overzetten; overbrengen; [w.g.] translateren
言い伝える iitsutaeru (1) mondeling overleveren; [うわさを] verspreiden; (2) boodschappen; melden; overbrengen; berichten; laten weten
訳す yakusu vertalen; overbrengen; omzetten; overzetten
訳する yakusuru vertalen; overbrengen; omzetten; overzetten
転じる tenjiru (1) zich wijzigen; veranderen; een ommekeer maken; (2) ronddraaien; rondwentelen; omwentelen; roteren; (3) wijzigen; veranderen; verleggen; afleiden; omzetten; keren; doen omwenden; [責任を] schuiven op; afschuiven op; [居を] verhuizen; overbrengen
転ずる tenzuru (1) zich wijzigen; veranderen; een ommekeer maken; (2) ronddraaien; rondwentelen; omwentelen; roteren; (3) wijzigen; veranderen; verleggen; afleiden; omzetten; keren; doen omwenden; [責任を] schuiven op; afschuiven op; [居を] verhuizen; overbrengen
転移する tenisuru (1) zich verplaatsen; (2) geleidelijk veranderen; evolueren; overgaan; (3) [geneesk.] metastaseren; zich uitzaaien; zich verspreiden; (4) overbrengen; overplaatsen
輸送する yusousuru transporteren; vervoeren; overbrengen
sou (a) uitgeleide doen; uitleiden; (b) overbrengen; naar een andere plaats vervoeren
送信する soushinsuru overbrengen; overseinen; doorseinen; uitzenden
通す;徹す;透す toosu (1) doorlaten; laten passeren; voorbij laten; langs laten lopen; langs laten gaan; langs laten komen; langs laten trekken; doen heendringen door; laten overgaan; [i.h.b.] laten slagen; geleiden; overbrengen; transmitteren; [法案を] aannemen; erdoor krijgen; goedkeuren; (2) inlaten; binnenlaten; laten doordringen; inbrengen; [糸を] insteken; doorhalen; doorsteken; penetreren; [糸に] rijgen; aaneenrijgen; (3) doorvoeren; doorzetten; doordrijven; [政策を] doortrekken; doordrammen; [inform.] doordouwen; handhaven; volhouden; standvastig blijven in; doen gelden; (4) blijven; doorgaan met; volharden in; door-; aanhoudend ~; aan één stuk ~; ten einde toe ~ [aangesloten op de ren'yōkei]
通ずる tsuuzuru (1) lopen; passeren; heen en weer gaan; voeren naar; leiden naar; uitgeven op; uitkomen op; toegang geven; verlenen tot; in verbinding staan met; communiceren; verbinden; aansluiten op; [電話が] verbinding; contact krijgen met; bereiken; (2) overkomen; begrepen worden; verstaan worden; duidelijk zijn; [言語が] gesproken worden; (3) bedreven zijn in; ervaren zijn in; geverseerd zijn in; vertrouwd zijn met; goed op de hoogte zijn van; goed ingelicht zijn over; thuis zijn in; z'n weetje weten van; bekend zijn met; goed kennen; veel afweten van; beheersen; (4) intieme omgang hebben; een affaire hebben met; in het geheim een liefdesverhouding hebben met; vreemdgaan; overspel plegen; [Barg.] eisjedies gaan; (5) [敵に] in verbinding staan met de vijand; onder een hoedje spelen; samenzweren; collaboreren; samenspannen; handjeklap doen; spelen; handjeklappen; gemene zaak maken; heulen met; (6) [natuurk.] doorlaten; geleiden; [電流を] onder stroom zetten; (7) duidelijk maken; bekendmaken; kenbaar maken; informeren; inlichten; doorgeven; op de hoogte brengen; kennis geven van; communiceren; overbrengen; [敵に] verraden; (8) [ー年を] zich uitstrekken over; beslaan; bestrijken; omvatten; innemen; in beslag nemen; belopen; (9) [情けを] vreemdgaan; overspel plegen; [veroud.] achteruitslaan; (10) inzenden; insturen; indienen; bezorgen; [名前;名刺を] geven; (11) [らじおを] als medium gebruiken
運ぶ hakobu (1) vorderen; vooruitgaan; opschieten; (vlot) verlopen; vooruitkomen; (goed) gaan; (2) vervoeren; transporteren; overbrengen; aanvoeren; aanbrengen; brengen; voeren; (3) [zijn schreden enz.] wenden naar; [koers enz.] richten naar; [geen stap;voet enz.] verzetten; (4) voortgaan met; voortzetten; vervolgen; [de pen enz.] voeren
運搬する unpansuru vervoeren; transporteren; overbrengen; aanvoeren
運送する unsousuru vervoeren; transporteren; overbrengen; verzenden; expediëren
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 1.42 sec. jiten.nl: 6 treffers, warandict: 29 treffers (zoekopdracht: 'overbrengen'). 
2005-2026