
日
蘭
蘭
辭
典
典
日蘭辭典+
日蘭辭典 (trefwoord)
kachi・勝
(勝ち) zn. overwinning v. ¶ 勝を得る de overwinning behalen; het winnen. ¶ 吾々の勝だ wij hebben het gewonnen; wij hebben overwonnen.
tatakai・戰
(戦い、闘い、鬪ひ) zn. strijd m.; (合戰) gevecht o.; slag m.; (戰役) oorlog m.; krijg m.; (競爭) wedkamp m.; wedstrijd m. ¶ 戰を始める strijd beginnen; vijandelijkheden openen. ¶ 戰を宣する oorlog verklaren. ¶ 戰をする oorlog voeren. ¶ 戰好きの oorlogzuchtig; strijdlustig. ¶ 戰利あり overwinning behalen. ¶ 戰ふ vechten; strijden; kampen. ¶ 自由の爲に戰ふ strijden voor de vrijheid. ¶ 誘惑と戰ふ strijden tegen de verleiding. ¶ 困難と戰ふ moeilijkheden bestrijden. ¶ 鬪はす laten vechten. ¶ 論を鬪はす argumenteeren; argumenten aanvoeren.
shōri・勝利
zn. overwinning v. ¶ 勝利の overwinnend. ¶ 勝利者 overwinnaar. ¶ 勝利を得る de overwinning behalen; het winnen.
uruoi・潤、沾
zn. (1) [濕氣] vocht v.; damp m. (2) [利潤] voordeel o. (3) [滋味] bekoring v.; smaak m. ¶ 潤ある voordeelig; gunstig; bekoorlijk; aantrekkelijk; innemend; (潤なき) vervelend; saai. ¶ 潤す(ぬらす) bevochtigen; nat maken; (富ます) verrijken; bevoordeelen; gunst bewijzen (恩澤を受けしむ). ¶ 潤ふ vochtig zijn; voordeel behalen; verdienen; begunstigd worden; gunsten ontvangen.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <behalen>
ゲットする gettosuru (1) verkrijgen; verwerven; behalen; (2) [sportt.] punten behalen; winnen; scoren
上げる ageru (1) heffen; opheffen; omhoogheffen; verheffen; oprichten; tillen; optillen; omhoogtillen; omhoogbrengen; liften; verhogen; eleveren; [凧を] oplaten; opsteken; [棚に] leggen op; opleggen; [帆を] hijsen; ophijsen; omhooghijsen; opbrengen; opvissen; [碇を] lichten; hieuwen; [陸に] landen; aan land zetten; [顔を] opkijken; (2) loven; prijzen; roemen; huldigen; ophemelen; hoog opgeven van; (3) opvoeren; doen toenemen; optrekken; opjagen; opdrijven; [温度を] hoger zetten; [スピードを] vergroten; (4) bevorderen; promoveren; (5) overgeven; braken; opgeven; kotsen; vomeren; over z'n nek gaan; [gew.] opbrengen; (6) [客を] binnenlaten; inlaten; brengen; leiden naar; geleiden; (7) [学校へ] op school doen; (8) geven; aanbieden; toedienen; offreren; schenken; voorzetten; [娘を] wegschenken; (9) offeren; ten offer brengen; (10) overhandigen; ter hand stellen; reiken; overreiken; (11) ten einde brengen; afdoen; afwerken; volbrengen; voltooien; (12) klaarspelen; gedaan weten te krijgen; (13) [式を] houden; vieren; celebreren; fêteren; (14) [例を] geven; vermelden; noemen; aanhalen; citeren; aanvoeren; leveren; opnoemen; opsommen; opgeven; opvissen; (15) [子を] krijgen; [母が] het leven schenken; baren; [父が] verwekken; (16) verbeteren; ontwikkelen; ontplooien; (17) [髪を] doen; opmaken; opsteken; kappen; (18) aanhouden; pakken; oppakken; vatten; inrekenen; snappen; in hechtenis nemen; in de kraag grijpen; arresteren; (19) [芸者を] bestellen; laten komen; erbij halen; uitnodigen; ontbieden; engageren; (20) frituren; in kokend vet bakken; braden; [gew.] fritten; (21) [結果を] behalen; bereiken; verkrijgen; verwerven; realiseren
儲ける mōkeru (1) [winst] maken (op); [winst] behalen; opstrijken; er wat bij opsteken; verdienen; zijn voordeel doen (met); voordeel trekken (uit); [Barg.] bedissen; (2) [een kind] krijgen; [iem. een kind] schenken; (3) boffen; het treffen; zwijnen
勝ち取る kachitoru behalen; verwerven; verkrijgen; winnen; bemachtigen; zich verzekeren van; te pakken krijgen; gaan strijken met
博す hakusu krijgen; verkrijgen; verdienen; verwerven; winnen; behalen; oogsten
博する hakusuru krijgen; verkrijgen; verdienen; verwerven; winnen; behalen; oogsten
受賞する jushōsuru een prijs winnen; behalen; met een prijs onderscheiden worden
奏する sōsuru (1) [muz.] bespelen; spelen; ten gehore brengen; uitvoeren; (2) behalen; verwerven; [効を] effect sorteren; uitwerking hebben; (3) de keizer(-emeritus) petitioneren
当たりを取る atariotoru (1) succes hebben; behalen; een hit scoren; (2) raden; een gok doen; schatten; inschatten
得る uru (1) krijgen; verkrijgen; behalen; verwerven; [hulp] vinden; (2) [na de ren'yōkei 連用形 van een ww.] kunnen; in staat zijn; bij machte zijn
得る eru krijgen; verkrijgen; verwerven; zich verzekeren van; behalen; bekomen
得難い egatai (1) moeilijk te krijgen; verkrijgen; verwerven; behalen; moeilijk verkrijgbaar; beschikbaar; onbereikbaar; (2) zeldzaam; moeilijk te vinden; waardevol; kostbaar; onschatbaar
手に入れる tenīreru (1) in handen krijgen; zich toe-eigenen; tot zijn eigendom maken; in bezit nemen; aannemen; aanvaarden; verwerven; bekomen; behalen; [i.h.b.] op de kop tikken; (2) naar z'n hand zetten; stellen; om de vinger winden; (als een marionet) bespelen
獲得する kakutokusuru verkrijgen; verwerven; behalen; bekomen; winnen; halen; [inform.] scoren; [m.b.t. kennis] opdoen; [form.] acquireren; in de wacht slepen; [veroud.] erlangen
設ける mōkeru (1) voorbereiden; klaarmaken; gereedmaken; in gereedheid brengen; voorzien in; plannen; (2) aanmaken; opstellen; ontwerpen; vormen; oprichten; opzetten; organiseren; op touw zetten; inrichten; stichten; vestigen; instellen; (3) [妻;夫;義理の親;子供を] krijgen; (4) [病気を] oplopen; opdoen; [gew.] halen; (5) [利潤を] behalen; genieten; oogsten
貰う morau (1) krijgen; ontvangen; verkrijgen; bekomen; verwerven; behalen; boeken; scoren; in ontvangst nemen; winnen; [in zijn gezin] opnemen; [tot vrouw] nemen; tot zijn eigendom maken; [een infectie] opdoen; oplopen; (2) laten ~; doen ~; gedaan krijgen
Tijd: 1.56 sec. jiten.nl: 6 treffers, warandict: 16 treffers (zoekopdracht: 'behalen').
2005-2026
