日蘭辭典+

16 resultaten voor ‘leren’
日蘭辭典 (trefwoord)
ankisuru暗記する
t.w. van buiten leren. ¶ 暗記して居る van buiten kennen. ¶ 暗記力 geheugen.
anshō諳誦
zn. voordracht uit het hoofd. ¶ 諳誦する uit het hoofd leren; van buiten leeren; voordragen; opzeggen; Noot: Vgl. ‘ankisuru’.
hyōshi表紙
zn. boekband m.; boekomslag m. ¶ 表紙を附ける inbinden. ¶ 革表紙の in leder gebonden boek; boek met leeren band.
naka

zn. (1) [奧、底] binnenste o. ¶ に in binnenin. vz. (2) [] tusschen. (3) [多數の] onder; bw. te midden van. ¶ で in de straat; op straat. ¶ に in de doos. ¶ には蘭語やるものある er zijn onder hen ook, die Hollandsch leeren. ¶ 三つこれが一番上等だ dit is het beste van de drie.

sora

zn. hemel m. lucht v.; firmament o.; valschheid (僞) v. ¶ 明るい heldere hemel. ¶ で in den vreemde; ver van huis. ¶ 高く hoog in de lucht. ¶ verstrooid. ¶ 負け voorgewende nederlaag. ¶ 淚 krokodillentranen; gehuicheld verdriet. ¶ 讀む uit het hoofd opzeggen. ¶ 覺える uit het hoofd leeren. ¶ なる met de gedachten ergens zijn; verstrooid zijn; zitten te suffen. ¶ を使ふ doen of men van niets weet; zich van den domme houden.

SUPPLEMENT (trefwoord)
zus, zuster

[de, zussen; zusters] (1.a.a) [oudere zus(ter); mijn [onze] zus(ter)] ane (beleefheid: geen of nederig; richting: geschikt voor benoemen van de eigen zuster tegen tweede persoon; over een derde persoons oudere zuster (niet erend, niet beleefd); over een oudere zuster in algemene zin). ¶ 回転いいAne wa atama no kaiten ga ii. Mijn zus is vlot van begrip. 料理先生にして習いました。 Ryōri wa ane wo sensei ni shite naraimashita. Mijn zus heeft me koken geleerd. (TTC) (1.a.b.) [oudere zus; jongedame; aanspreekvorm serveerster] 姉さん anesan (algemeen of neutraal beleefd).

(1.b) [oudere zus(ter), uw [hun] zus(ter); aanspreekvorm serveerster] 姉さん neesan; お姉さん oneesan (beleefdheid: erend of algemeen beleefd; richting: over tweede of derde persoons oudere zuster; binnen wij-groep over of naar de eigen oudere zuster; in algemene zin); おちゃん oneechan (idem, maar meer familiair of vertroetelend). NB met name onder en naar kinderen worden deze vormen ook gebruikt om in algemene zin naar oudere zussen te verwijzen. ¶ メアリーは遊園地で一人で泣いている男の子を見つけて、やさしくをかけた。「ねえぼくどうしたの? 迷子になっちゃったの? おちゃんが迷子センターに連れてってあげようか?」 Mearii wa yūenchi de hitori de naite iru otoko no ko wo mitsukete, yasashiku koe wo kaketa. ‘Nee, boku, dōshita no? Meigo ni nattyatta no? Oneechan ga meigo-sentā ni tsurete tte ageyō ka?’ In het pretpark vond Mary een huilend jongetje. Met zachte stem sprak ze: ‘Hee, jongetje, wat is er aan de hand? Ben je je ouders kwijt? Zal ik [lett. de oude zus] je naar de informatiebalie brengen [lett. zoekgeraakte-kinderen-afdeling]?’ (TTC)

(2.a) [jongere zusje/zuster, mijn [onze] zuster/zusje] imōto (beleefheid: geen of nederig; richting: geschikt voor benoemen van de eigen zuster tegen tweede persoon; over een derde persoons jongere zuster (niet erend, niet beleefd); over een jongere zuster in algemene zin). ¶ の咲子ですと年子で、受験生ですImōto no Sakiko desu. Boku to toshigo de, ima jukensei desu. Dit is mijn zusje Sakiko. Ze minder dan een jaar jonger dan ik en studeert nu voor haar toelatingsexamens. ¶ をパーティーに連れて行きます。 Imōto wo paatii ni tsurete ikimasu. Ik neem mijn zus mee naar het feestje. (TTC) NB in een wij-groep noemen oudere broers en zussen hun jongere zuster alleen bij naam (dit vloeit voort uit de hiërarchie), omgekeerd spreken jongere broers en zussen hun oudere zussen normaal gesproken als姉さん oneesan aan. (Miura)

(2.b) [jongere zusje/zus(ter), uw [hun] zusje/zus(ter)] さん imōtosan (beleefdheid: erend of algemeen beleefd; richting: over tweede of derde persoons jongere zuster, of in algemene zin). ¶ 今度さんを連れていらっしゃい。 Kondo wa imōtosan wo tsurete irasshai. Neem de volgende keer je zus mee. ¶ さんによろしくね。 Imōtosan ni yoroshiku ne. Doe de groetjes aan je zus. (TTC)

(3) [zusters, zussen, zusjes] shimai; [oudere zus en jongere broer] 姉弟 kyōdai;[oudere broer en jongere zus] 兄妹 kyōdai; [broer en zus] 兄姉 kyōdai; [broers of broer en zus] 兄弟 kyōdai.

(4) [verpleegster] 看護婦 kangofu; [verpleger m/v] 看護士 kangoshi.

(5) [non] 修道女 shūdōjo; 修道尼 shūdōni; 尼僧 nisō.

RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <leren>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
学ぶ manabu (1) leren; [er iets van] opsteken; (2) studeren; les volgen (bij)
学習する gakushuusuru studeren; leren
教える oshieru (1) onderwijzen; onderrichten; doceren; aanleren; leren; (2) mededelen; informeren; op de hoogte brengen; laten weten; tonen [hoe men iets moet doen]; laten zien [hoe men iets moet doen]; [kennis;vaardigheid etc.] overbrengen
独学する dokugakusuru individueel studeren; leren; studeren zonder leermeester
shuu (a) leren; zich eigen maken; zich gewennen; (b) gewoonte
習う;慣らう;馴らう narau leren; les volgen (bij); leren voor; studeren; inoefenen; (zich) oefenen; instuderen; zich eigen maken; aanleren
習得する shuutokusuru leren; aanleren; zich eigen maken; [技術を] verwerven
習練する shuurensuru oefenen; leren; instuderen; trainen
覚える oboeru (1) onthouden; uit het hoofd leren; van buiten leren; memoriseren; (2) leren; bestuderen; [kennis over iets] verwerven; [kennis] absorberen; (3) voelen; aanvoelen; ervaren; gewaarworden; (4) denken dat; vinden dat; oordelen dat; beschouwen als
kou (1) [onderw.] hoorcollege; college; les; lezing; leerrede; (2) [boeddh.] boeddhistische bijeenkomst; catechetische bijeenkomst; (3) [boeddh.] boeddhistische dienst; liturgie; (4) [boeddh.;shintoïstische] congregatie; vereniging; (5) [fin.] coöperatieve kredietvereniging; lokale vereniging voor onderlinge hulp en bijstand; (a) uitleggen; preken ; (b) lezing; onderricht; college; (c) leren; studeren; (d) tot een schikking komen; beslechten; bijleggen; (e) [boeddh.] catechetische bijeenkomst; (f) godsdienstige vergadering; bijeenkomst; gemeente; (g) [fin.] spaar- en kredietvereniging
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 1.68 sec. jiten.nl: 6 treffers, warandict: 10 treffers (zoekopdracht: 'leren'). 
2005-2026