
蘭
典
日蘭辭典+
bn. vroeger; vorig; bovenstaand. ¶ 前生涯 vorig leven. ¶ 前に vroeger; te voren. ¶ 歷史前の voor historisch. ¶ 前總理大臣 gewezen eerste minister; ex-premier. ¶ 三年前 drie jaar geleden. ¶ 前條 vorig artikel; bovenstaand artikel; voorafgaande clausule.
zn. kleine hoeveelheid v.; weinig o.; beetje o.; geringe graad m. ¶ 僅の weinig; onbeduidend; gering. ¶ 僅に slechts; alleen maar; niet meer dan. ¶ 僅な傷 lichte wond. ¶ 僅な事 onbeduidende zaak. ¶ 僅三年の內に in den korten tijd van drie jaar; in slechts drie jaren tijds. ¶ 僅に免る ternauwernood ontsnappen. ¶ 僅十箇しかない er zijn er maar tien. ¶ 僅だが君に上げよう hier is een kleinigheid voor je.
zn. (1) [割合] verhouding v.; koers m. (2) [利益] voordeel o.; winst v. (3) [比較] vergelijking v. (4) [割當] aandeel o. (5) [比率] percentage v. ¶ 俸給割で naar verhouding van het salaris. ¶ 年一割の利息 tien percent rente per jaar. ¶ 割に合はぬ niet winstgevend zijn; geen voordeel opleveren; niet betalen. ¶ 五割引 50% reductie. ¶ 年の割に丈夫 kras voor zijn leeftijd. ¶ 一時間九哩の割で走る negen mijl per uur loopen. ¶ 割に betrekkelijk; in aanmerking nemend, dat…… ¶ 雨が降つた割には可なりの聽衆でした voor zulk regenweer was de zaal goed bezet.
i.w. (1) [附着] kleven; plakken; blijven vastzitten. (2) [味方する] de zijde kiezen van; meegaan met. (3) [價する] waard zijn. t.w. (4) [習癖が] aannemen; i.w. zich aanwennen. i.w. (5) [火が] vlam vatten. t.w. (6) [痕が] achterlaten. (7) [利息が] opbrengen; opleveren. ¶ 惡錢身に附かず gestolen goed gedijt niet. ¶ 肉が附く dik worden. ¶ 敵方に附く overloopen naar den vijand. ¶ 一つが十錢につく ze kosten 10 sen per stuk. ¶ 惡い癖はつき易い slechte gewoonten worden gemakkelijk aangeleerd. ¶ 著物に火がついた zijn kleeren vlogen in brand. ¶ 電氣がついて居る het electrisch licht is aan. ¶ 年七分の利が附く 7% per jaar interest geven. ¶ 床に足跡がつく voetstappen op den vloer achterlaten.
[de, zussen; zusters] (1.a.a) [oudere zus(ter); mijn [onze] zus(ter)] 姉 ane (beleefheid: geen of nederig; richting: geschikt voor benoemen van de eigen zuster tegen tweede persoon; over een derde persoons oudere zuster (niet erend, niet beleefd); over een oudere zuster in algemene zin). ¶ 姉は頭の回転がいい。 Ane wa atama no kaiten ga ii. Mijn zus is vlot van begrip. 料理は姉を先生にして習いました。 Ryōri wa ane wo sensei ni shite naraimashita. Mijn zus heeft me koken geleerd. (TTC) (1.a.b.) [oudere zus; jongedame; aanspreekvorm serveerster] 姉さん anesan (algemeen of neutraal beleefd).
(1.b) [oudere zus(ter), uw [hun] zus(ter); aanspreekvorm serveerster] 姉さん neesan; お姉さん oneesan (beleefdheid: erend of algemeen beleefd; richting: over tweede of derde persoons oudere zuster; binnen wij-groep over of naar de eigen oudere zuster; in algemene zin); お姉ちゃん oneechan (idem, maar meer familiair of vertroetelend). NB met name onder en naar kinderen worden deze vormen ook gebruikt om in algemene zin naar oudere zussen te verwijzen. ¶ メアリーは遊園地で一人で泣いている男の子を見つけて、やさしく声をかけた。「ねえ、ぼく、どうしたの? 迷子になっちゃったの? お姉ちゃんが迷子センターに連れてってあげようか?」 Mearii wa yūenchi de hitori de naite iru otoko no ko wo mitsukete, yasashiku koe wo kaketa. ‘Nee, boku, dōshita no? Meigo ni nattyatta no? Oneechan ga meigo-sentā ni tsurete tte ageyō ka?’ In het pretpark vond Mary een huilend jongetje. Met zachte stem sprak ze: ‘Hee, jongetje, wat is er aan de hand? Ben je je ouders kwijt? Zal ik [lett. de oude zus] je naar de informatiebalie brengen [lett. zoekgeraakte-kinderen-afdeling]?’ (TTC)
(2.a) [jongere zusje/zuster, mijn [onze] zuster/zusje] 妹 imōto (beleefheid: geen of nederig; richting: geschikt voor benoemen van de eigen zuster tegen tweede persoon; over een derde persoons jongere zuster (niet erend, niet beleefd); over een jongere zuster in algemene zin). ¶ 妹の咲子です。俺と年子で、今受験生です。 Imōto no Sakiko desu. Boku to toshigo de, ima jukensei desu. Dit is mijn zusje Sakiko. Ze minder dan een jaar jonger dan ik en studeert nu voor haar toelatingsexamens. ¶ 妹をパーティーに連れて行きます。 Imōto wo paatii ni tsurete ikimasu. Ik neem mijn zus mee naar het feestje. (TTC) NB in een wij-groep noemen oudere broers en zussen hun jongere zuster alleen bij naam (dit vloeit voort uit de hiërarchie), omgekeerd spreken jongere broers en zussen hun oudere zussen normaal gesproken als お姉さん oneesan aan. (Miura)
(2.b) [jongere zusje/zus(ter), uw [hun] zusje/zus(ter)] 妹さん imōtosan (beleefdheid: erend of algemeen beleefd; richting: over tweede of derde persoons jongere zuster, of in algemene zin). ¶ 今度は妹さんを連れていらっしゃい。 Kondo wa imōtosan wo tsurete irasshai. Neem de volgende keer je zus mee. ¶ 妹さんによろしくね。 Imōtosan ni yoroshiku ne. Doe de groetjes aan je zus. (TTC)
(3) [zusters, zussen, zusjes] 姉妹 shimai; [oudere zus en jongere broer] 姉弟 kyōdai;[oudere broer en jongere zus] 兄妹 kyōdai; [broer en zus] 兄姉 kyōdai; [broers of broer en zus] 兄弟 kyōdai.
(4) [verpleegster] 看護婦 kangofu; [verpleger m/v] 看護士 kangoshi.
(5) [non] 修道女 shūdōjo; 修道尼 shūdōni; 尼僧 nisō.
Tijd: 1.25 sec. jiten.nl: 20 treffers, warandict: 12 treffers (zoekopdracht: 'jaar').
