日蘭辭典+

19 resultaten voor ‘vieren’
日蘭辭典 (trefwoord)
ageru擧げる、上げる
(上げる挙げる揚げる) t.w. (1) [旗を] hijschen. (2) [位を] bevorderen. (3) [擧示] opnoemen; geven; noemen. (4) [成績] opbrengen. (5) [進呈] aanbieden; geven. (6) [終了する] eindigen; afmaken. ¶ 本を讀みあげる een boek uitlezen. ¶ 此本をあげました ik heb dit boek uit. (7) [を] zijn stem verheffen. (8) [錨を] het anker lichten. (9) [增加] verhoogen. ¶ 賃金を上げる het loon verhoogen. (10) [式を] vieren. (11) [煎る] braden.
kuridasu繰出す

t.w. loslaten. ¶ 索を繰出す kabel vieren. ¶ 兵を繰出す troepen uitzenden. ¶ 槍を繰出す met een speer stooten.

yurumeru緩める

t.w. (1) [繩等を] losmaken; vieren. (2) [速力を] verlangzamen; vertragen. (3) [稀薄] verdunnen. ¶ 手を緩める loslaten; laten schieten; houvast verliezen. ¶ 心を緩める aandacht laten verslappen. ¶ 罰を緩める straf verlichten. ¶ 腹を緩める purgeeren; laxeeren. ¶ 手綱を緩める teugels vieren. ¶ 緩み verslapping; vertraging; vermindering van spanning; verlichting; verzachting. ¶ 緩む losraken; slapper worden; minder worden; vertraagd worden; verzacht worden. ¶ 腹が緩む loslijvig zijn; diarrhee hebben.

yotsuwari四割
yotsuori no四折の

bn. in vieren gevouwen; quarto.

yotsugiri ni suru四つ切にする

t.w. in vieren snijden.

RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <vieren>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
上げる ageru (1) heffen; opheffen; omhoogheffen; verheffen; oprichten; tillen; optillen; omhoogtillen; omhoogbrengen; liften; verhogen; eleveren; [凧を] oplaten; opsteken; [棚に] leggen op; opleggen; [帆を] hijsen; ophijsen; omhooghijsen; opbrengen; opvissen; [碇を] lichten; hieuwen; [陸に] landen; aan land zetten; [顔を] opkijken; (2) loven; prijzen; roemen; huldigen; ophemelen; hoog opgeven van; (3) opvoeren; doen toenemen; optrekken; opjagen; opdrijven; [温度を] hoger zetten; [すぴーどを] vergroten; (4) bevorderen; promoveren; (5) overgeven; braken; opgeven; kotsen; vomeren; over z'n nek gaan; [gew.] opbrengen; (6) [客を] binnenlaten; inlaten; brengen; leiden naar; geleiden; (7) [学校へ] op school doen; (8) geven; aanbieden; toedienen; offreren; schenken; voorzetten; [娘を] wegschenken; (9) offeren; ten offer brengen; (10) overhandigen; ter hand stellen; reiken; overreiken; (11) ten einde brengen; afdoen; afwerken; volbrengen; voltooien; (12) klaarspelen; gedaan weten te krijgen; (13) [式を] houden; vieren; celebreren; fêteren; (14) [例を] geven; vermelden; noemen; aanhalen; citeren; aanvoeren; leveren; opnoemen; opsommen; opgeven; opvissen; (15) [子を] krijgen; [母が] het leven schenken; baren; [父が] verwekken; (16) verbeteren; ontwikkelen; ontplooien; (17) [髪を] doen; opmaken; opsteken; kappen; (18) aanhouden; pakken; oppakken; vatten; inrekenen; snappen; in hechtenis nemen; in de kraag grijpen; arresteren; (19) [芸者を] bestellen; laten komen; erbij halen; uitnodigen; ontbieden; engageren; (20) frituren; in kokend vet bakken; braden; [gew.] fritten; (21) [結果を] behalen; bereiken; verkrijgen; verwerven; realiseren
kyou (a) zich verheugen; vieren; heuglijke gebeurtenis; (b) zegen
kei (a) zich verheugen; vieren; heuglijke gebeurtenis; (b) zegen
挙げる ageru (1) [式を] houden; organizeren; vieren; (2) [例として] geven; vermelden; noemen; aanhalen; citeren; quoten; aanvoeren; leveren; opnoemen; opsommen; opgeven; opvissen; (3) [腕を] opsteken; [頭を] oprichten; (4) [委員に] benoemen; aanstellen; (5) verenigen; samenbrengen; verenen; (6) [子を] krijgen; hebben; (7) arresteren; aanhouden; inrekenen; oppakken
挙行する kyokousuru uitvoeren; vieren; [れせぷしょんを] aanrichten; houden
放す hanasu (1) loslaten; laten gaan; de vrije loop laten; vieren; [veroud.;lit.t.] slaken; [veroud.;fig.] ontslaken; (2) [de hond enz.] losmaken; loszetten; vrijzetten; vrijlaten; bevrijden [van zijn halsband enz.]; laten lopen; [kooivogels enz.] laten vliegen; de vrijheid geven
碇を下ろす ikariwoorosu (1) het anker werpen; uitwerpen; uitgooien; vieren; neerlaten; laten vallen; ankeren; voor anker komen; gaan; (2) [fig.] zich installeren; rustig plaatsnemen; gaan zitten
祝う iwau (1) vieren; feestelijkheden verrichten; herdenken; inzegenen; consacreren; gedenken; (2) gelukwensen; feliciteren; zijn gelukwensen aanbieden; zijn vreugde betuigen
祝賀する shukugasuru vieren; celebreren; feliciteren; gelukwensen
緩める;弛める yurumeru (1) los; losser maken; losknopen; lossen; laten verslappen; vieren; loos geven; ontspannen; minder strak (doen) zijn; (2) [すぴーどを] minderen; verminderen; [勾配を] minder steil maken; (3) [警戒を] (laten) verslappen; laten verflauwen
繰り出す kuridasu (1) [糸を] afwinden; vieren; laten slippen; vieren; schieten; naar buiten werpen; (2) [べてらんを] in golven doen uitrukken; en masse uitzenden; de ene na de andere uitsturen; (3) [槍を] stoten; steken; een uitval doen met; (4) doen bekennen; (5) [花見に] massaal naar buiten komen; in drommen uitlopen
行う okonau (1) doen; handelen; aanvangen; (2) zich gedragen; (3) uitvoeren; volbrengen; tot uitvoering brengen; toepassen; implementeren; verwezenlijken; effectueren; (4) [取り締まりを] uitoefenen; [法律を] opleggen; in werking stellen; doen uitvoeren; [研究を] voeren; leiden; bedrijven; (5) [会議;葬式;祭りを] houden; [儀式を] uitvoeren; opvoeren; vieren; celebreren; voltrekken
謳歌する oukasuru de lof zingen van; prijzen; loven; verheerlijken; roemen; vieren
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 1.38 sec. jiten.nl: 6 treffers, warandict: 13 treffers (zoekopdracht: 'vieren'). 
2005-2026