日蘭辭典+

30 resultaten voor ‘vorig’
日蘭辭典 (trefwoord)
sen
bn. vroeger; vorig. ¶ に tevoren; vroeger. ¶ を越す iemand vóór zijn; te vlug af zijn. ¶ を越されたか、、残念な is hij mij vóór geweest? dat spijt me.
kyogetsu去月

zn. verleden maand v.; verleden maand; de vorige maand.

zenya前夜

bw. den vorigen nacht.

zensetsu前節

(前節) zn. eerste lid o.; vorige paragraaf v.

zenshū前週

zn. de vorige week v.

zense前世

zn. vorig leven o.; vorig bestaan o. ¶ 前世の約束 karma.

zenpu前夫
zenki前期

zn. vroegere periode v.; vorige termijn m. ¶ 前期議會 de vorige Kamer.

zennen前年

bw. het vorige jaar; verleden jaar. ¶ 前年度 vorig boekjaar.

zennin前任

zn. vroegere betrekking v.; vorig ambt o. ¶ 前任者 ambtsvoorganger. ¶ 前任所 vorige standplaats. ¶ 前任知事 de vorige resident.

zenkō前項
zengō前號

(前号) zn. vorig nummer o.; vorige aflevering v.

zenjitsu前日
zenkai前囘

(前回) zn. vorige keer m.

zenbin前便

zn. vorige brief m.

zencho前朝
zendai前代

zn. vorig geslacht o.; vroeger jaren o.mv.

zenba前晚

(前晩) bw. den vorigen avond; den avond tevoren.

zen

bn. vroeger; vorig; bovenstaand. ¶ 前生涯 vorig leven. ¶ 前に vroeger; te voren. ¶ 歷史前の voor historisch. ¶ 前總理大臣 gewezen eerste minister; ex-premier. ¶ 三年前 drie jaar geleden. ¶ 前條 vorig artikel; bovenstaand artikel; voorafgaande clausule.

yoigoshi no宵越の
tsukiokure no月後れの

bn. van vorige maanden; van verleden maand.

tsukigoshi no月越の

bn. van de vorige maand; van meerdere maanden.

RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <vorig>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
以前の izenno vroeger; vorig; voormalig; voorafgaand; voorgaand; gewezen
先の sakino (1) toekomstig; komend; aanstaand; (2) vorig; voorgaand; voorafgaand; vroeger; eerder; (3) voormalig; gewezen; ex-; oud-; (4) recent; van kort geleden; jongste
sen (1) [~の] vorig; (2) voorheen; eertijds; vroeger; (3) voorbeurt; (4) [go;shōgi] het eerst moeten uitspelen; aan de voorhand zijn; zitten; (5) [ここを~と] erop of eronder; alles of niets; (a) voorst; meest vooruit; (b) voorafgaand; voorgaand; (c) het initiatief nemen; pionier; (d) vooraf; op voorhand; (e) vroeger; eerder; tevoren; (f) vorig; (g) tegenpartij
前述の zenjutsuno genoemd; bedoeld; betrokken; bewust; desbetreffend; onderhavig; gemeld; eerder vermeld; genoemd; bovengenoemd; bovenstaand; voornoemd; voorgenoemd; voormeld; voorgemeld; in kwestie; voorafgaand; vorig
zen (1) vroeger; eerder; voordien; tevoren; ervoor; voordezen; (2) oud-; ex-; gewezen; voormalig; vorig; vroeger; (3) voor-; pre-; vorig; (4) [kwantor voor bureautafels;leunspanen;dientafels;mimi's e.d.]; (5) [kwantor voor shintoïstische godheden of heiligdommen]
mae (1) voor; voren; (2) voorkant; front; voorzijde (van een lichaam); [i.h.b.] borststuk; (3) voorstuk; voorste deel; kop; hoofd; (4) confrontatie; het onder ogen hebben; (5) [in] aanwezigheid [van]; [in het] bijzijn [van]; [in het] aanschijn [van]; [in het] aangezicht [van]; [ten] overstaan [van]; tegenover ~; tegen ~; (6) geleden; tevoren; terug; voor; voorheen; vroeger; voordien; (7) (onmiddellijk) voorafgaand (aan); voor; vorig; voormalig; voorgaand; bovenstaand; eerder; eerstgenoemd (van twee); (8) eerdere veroordeling; (9) in overeenstemming met; zoals ~ [(arch.) in de constructie ~ no mae ~の前]; (10) Vrouwe ~ [(arch.) in de constructie ~ no mae ~の前;suffix ter betiteling van een adellijke dame]; (11) [wordt gevoegd achter een meishi of een dōshi in de ren'yōkei;geeft een zekere portie aan]; (12) -heid [suffix dat de hoedanigheid van het grondwoord (steeds een menselijke eigenschap) benadrukt]
従前 juuzen (1) [~の] vorig; vroeger; voorgaand; voorafgaand; voormalig; (2) vroeger; voorheen; eertijds; voor dezen; voordien; tot nu toe; tot dusver
ko (1) oude kennis; oude bekende; (2) overleden; gestorven; afgestorven; wijlen; … zaliger; (3) gewezen; voormalig; vroeger; vorig; voorgaand; eerder; oud-; ex-
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 1.53 sec. jiten.nl: 22 treffers, warandict: 8 treffers (zoekopdracht: 'vorig'). 
2005-2026