
蘭
典
日蘭辭典+
(全焼) zn. totale verwoesting door brand. ¶ 全燒する totaal verbranden; geheel afbranden.
(焼尽す) t.w. opbranden; verbranden.
(焼打) zn. verbranding v. ¶ 燒打をする verbranden; platbranden.
(焼棄てる) t.w. in het vuur gooien; verbranden.
(焼落る) i.w. instorten door het vuur; verbranden en neerstorten.
(焼ける) i.w. (1) [燃燒] branden; verbranden. (2) [パンが] gebakken worden; geroosterd worden. (3) [焦げる] schroeien; verschroeien; verschroeid worden. (4) [變色] verschieten. (5) [日に焦げる] verbrand zijn. (6) [胸が] branderig gevoel hebben; maagvlam hebben. (7) [妬む] jaloersch zijn. (8) [空が] gloeien; in vlam staan. ¶ 眞赤に燒けた roodgloeiend.
(焼死) zn. vuurdood m.; dood door verbranding. ¶ 燒死する in de vlammen omkomen; levend verbranden.
(烏有に帰する) i.w. tot asch vergaan; totaal verbranden.
Tijd: 1.99 sec. jiten.nl: 10 treffers, (zoekopdracht: 'verbrand').