
日
蘭
蘭
辭
典
典
日蘭辭典+
日蘭辭典 (trefwoord)
atsumeru・集める
t.w. (1) [蒐集] verzamelen; samenbrengen. (2) [資金を] innen; invorderen. (3) [據金を] inzamelen; bijeenroepen. (4) [呼び集める] samenroepen; bijeenroepen.
tsunoru・募る
t.w. (1) [兵士を] oproepen; recruteeren; onder de wapens roepen. (2) [税を] heffen. i.w. (3) [公債等] inschrijving openen. (4) [烈しくなる] hevig worden; erger worden. ¶ 職工を募る werkvolk aannemen. ¶ 寄附を募る bijdragen verzamelen. ¶ 外債を募る buitenlandsche leening uitschrijven. ¶ 病氣が募った de ziekte is erger geworden. ¶ 火勢は募る de brand neemt in hevigheid toe.
kinoko・茸
zn. paddestoel m.; zwam v. ¶ 茸を集める champignons verzamelen.
kakiatsume・書集
(書き集め) zn. compilatie v. ¶ 書集める compileeren; gegevens verzamelen.
kakiatsumeru・掻集める
(掻き集める, かき集める) t.w. bijeengaren; bijeen harken.
yoseru・寄せる
t.w. (1) [片寄せる] op zijde zetten. (2) [加へる] totaliseeren. (3) [集める] verzamelen; samenroepen. (4) [攻める] aanvallen. (5) [書を] zenden; inzenden. ¶ 身を寄せる vertrouwen op; zich onder bescherming stellen van. ¶ 思を寄せる zijn hart verliezen aan. ¶ 皺を寄せる rimpels trekken. ¶ 眉を寄せる wenkbrauwen fronsen. ¶ 皆よせていくら hoeveel is het bij elkaar?
yoseatsumeru・寄集める
t.w. vergaren; verzamelen; bijeenvoegen; samenvoegen. ¶ 寄集め物 bij elkaar geraapt zoodje; rommelzoo.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <verzamelen>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
会する kaisuru (1) zich verzamelen; bijeenkomen; samenkomen; (2) convergeren; in één punt samenvallen; samenlopen; (3) verzamelen; bijeenbrengen; samenbrengen
会 e (1) [boeddh.] verzamelde groep gelovigen; [rel.] gemeente; (a) ontmoeten; verzamelen; bijeenkomst; (b) inzicht ervaren; (c) collectie
元気を出す genkiwodasu moed scheppen; vatten; verzamelen; bijeenrapen; zich vermannen; de tanden op elkaar zetten; z'n rug rechten
募る tsunoru (1) in kracht toenemen; aan kracht winnen; opzetten; aanzwellen; aangroeien; steeds sterker; heviger worden; verzwaren; verergeren; (2) aantrekken; werven; aanwerven; rekruteren; ronselen; [基金を] inzamelen; verzamelen; bijeenbrengen
募金する bokinsuru fondsen werven; geld inzamelen; verzamelen; collecteren; giften; bijdragen inzamelen; contributies innen
収める osameru (1) oogsten; de oogst binnenhalen; de vruchten plukken; maaien; (2) verwerven; verkrijgen; krijgen; in het bezit komen van; realiseren; verwezenlijken; de vruchten plukken van; (3) opdragen aan; toewijden aan; [神社へ] offeren aan; aanbieden; consacreren; (4) betalen; afrekenen; met geld over de brug komen; dokken; (5) leveren; verschaffen; voorzien; een leverancier zijn van; (6) opslaan; stockeren; een voorraad vormen van; (7) verzamelen; vergaren; bundelen; groeperen; hergroeperen; (8) tot een einde brengen; beëindigen; eindigen; besluiten; afsluiten; schikken; slechten; beslechten; afhandelen; (9) op zijn oorspronkelijke plaats terugstoppen; terugplaatsen; opbergen; wegbergen; [鳥が羽を] z'n vleugels vouwen; (10) aannemen; accepteren; aanvaarden
収拾する shuushuusuru (1) vergaren; verzamelen; sprokkelen; bijeenrapen; (2) beheersen; bedwingen; in bedwang houden; in toom houden; controleren; onder controle houden; de baas blijven; beteugelen
収蔵する shuuzousuru (1) opslaan; binnenhalen; inslaan; opbergen; vergaren; oogsten; een voorraad ... aanleggen; (2) verzamelen
収集する;蒐集する shuushuusuru (1) verzamelen; bijeenbrengen; samenbrengen; vergaren; [veroud.] vergaderen; inzamelen; [ごみを] ophalen; schooien; (2) collectioneren; verzamelen; sparen
取り入れる toriireru (1) inhalen; naar binnen halen; binnenhalen; binnenbrengen; inbrengen; inlaten; innemen; (2) invoeren; introduceren; overnemen; opnemen in; adopteren; aannemen; ontlenen; integreren; inlijven; [fig.] importeren; (3) oogsten; inoogsten; inzamelen; vergaren; verzamelen; [veroud.;lit.t.] garen
取り纏める torimatomeru (1) bundelen; verzamelen; bijeenbrengen; samenvoegen; [荷物を] pakken; (2) beslechten; bijleggen; schikken; vereffenen; z'n beslag geven; [gew.] slechten; slichten
同 dou (1) dezelfde; hetzelfde; eenzelfde; (2) (eerder; reeds; hierboven) genoemd; gemeld; [veroud.] gezegd; bovengenoemd; hogervermeld; bovengemeld; bovenstaand; eerder vermeld; voormeld; voornoemd; dit; deze; die; dat; (3) onderhavig; in kwestie; de bedoelde; de betreffende; de betrokken; de bewuste; desbetreffende; over wie; waarover we het hebben; waar het om gaat; (a) dezelfde; hetzelfde; (b) gezamenlijk; delen; (c) verzamelen; zich verenigen; (d) zich conformeren; (e) bewust; waarvan gesproken is
呼び寄せる yobiyoseru (1) bij zich roepen; laten komen; laten halen; erbij halen; (2) ontbieden; [jur.] dagvaarden; citeren; oproepen; voor het gerecht dagen; indagen; (3) bijeenroepen; samenroepen; convoceren; verzamelen
呼ぶ yobu (1) roepen; (2) noemen; betitelen; uitmaken voor; heten; (3) laten komen; roepen; (laten) halen; [een taxi] aanroepen; (4) uitnodigen; inviteren; vragen; nodigen; (5) wekken; aantrekken; uitlokken; oproepen; (6) verzamelen
寄せる yoseru (1) naderen; genaken; naken; (2) naderbij halen; dichterbij brengen; bijhalen; nader brengen tot; dichterbij laten komen; plaatsen (nabij ~); leggen (dichtbij ~); (3) verzamelen; bijeenbrengen; samenbrengen; vergaren; (4) zich toevertrouwen aan; gaan inwonen bij; zijn intrek nemen bij; (5) toesturen; toezenden; (6) optellen; bij elkaar tellen; (7) [m.b.t. gevoelens] toedragen; (8) in zekere vorm uitdrukken
寄せ集める yoseatsumeru verzamelen; samenbrengen; vergaren
振う;奮う;揮う furuu (1) [暴力を] plegen; gebruiken; aanwenden; laten gelden; [権力を] uitoefenen; hanteren; voeren; [刀を] zwaaien; wuiven; schudden; [手腕を] tentoonspreiden; demonstreren; aan de dag leggen; (2) [勇気を] scheppen; vatten; verzamelen; bij elkaar schrapen; (3) gedijen; tieren; welvaren; bloeien; floreren; welvarend zijn; voorspoedig zijn; succes hebben; het goed doen
据える;居える sueru (1) plaatsen; installeren; zetten; leggen; stellen; (2) bevestigen; monteren; vastzetten; (3) een functie doen innemen; plaats doen nemen; installeren; bevestigen; aanstellen als; benoemen tot; (4) [目を] vestigen op; fixeren op; concentreren op; [度胸を] vatten; verzamelen; scheppen; [腰を] toeleggen; [腹を] bepalen; besluiten
採取する saishusuru vergaren; verzamelen; plukken; oogsten; binnenhalen; [血液を] inzamelen; [大豆から豆油を] winnen
採集する saishuusuru verzamelen; collectioneren
掻き集める kakiatsumeru bijeenschrapen; schrapend bijeenbrengen; bij elkaar schrapen; verzamelen; [熊手で] bijeenharken; aanharken; [gew.] bijeenrijven; [gew.] bijeenreken
溜める tameru (1) verzamelen; een verzameling; collectie; voorraad ~ aanleggen; vergaren; collectioneren; accumuleren; hamsteren; opslaan; [veroud.;lit.t.] garen; (2) laten oplopen; laten ophopen; laten opstapelen; laten accumuleren; opkroppen; [i.h.b.] achterstallig laten worden; [i.h.b.] niet op tijd betalen; (3) [m.b.t. water] opvangen; vergaren; opslaan
狩る karu (1) jagen op; bejagen; jacht maken op; schieten; (2) verzamelen; plukken
積み重ねる tsumikasaneru (1) stapelen; opstapelen; ophopen; opeenstapelen; opeenhopen; op een hoop leggen; tassen; (2) [fig.] vergaren; verzamelen; accumuleren; bijeenbrengen
納める osameru (1) opdragen aan; toewijden aan; offeren aan [een godheid]; aanbieden [aan een godheid]; consacreren; (2) oogsten; de oogst binnenhalen; de vruchten plukken; maaien; (3) verwerven; verkrijgen; krijgen; in het bezit komen van; realiseren; verwezenlijken; de vruchten plukken van; (4) betalen; afrekenen; met geld over de brug komen; dokken; (5) leveren; verschaffen; voorzien; een leverancier zijn van; (6) opslaan; stockeren; een voorraad vormen van; (7) verzamelen; vergaren; bundelen; groeperen; hergroeperen; (8) tot een einde brengen; beëindigen; eindigen; besluiten; afsluiten; (9) op zijn oorspronkelijke plaats terugstoppen; terugplaatsen; opbergen; wegbergen; [m.b.t. een vogel] zijn veren vouwen; (10) aannemen; accepteren; aanvaarden
結集する kesshuusuru (1) verzamelen; bundelen; concentreren; vergaren; bijeenbrengen; samenbrengen; samenvoegen; samenstellen; (2) zich samenvoegen; zich verzamelen; zich groeperen; samenkomen; bijeenkomen
纏める matomeru (1) samenvatten; bundelen; samenbrengen; vergaren; verzamelen; samenbundelen; bijeenzamelen; verenen; tot één maken; bijeenbrengen; samenvoegen; [i.h.b.] compileren; (2) rangschikken; ordenen; vormgeven; (3) afdoen; afhandelen; settelen; regelen; beslechten; bewerken; afconcluderen; voleindigen; ten einde brengen; uitmaken; [i.h.b.] bijleggen; bemiddelen; tot een vergelijk brengen; tot stand brengen; beklinken; afsluiten; afronden; afwerken
落ち穂を拾う ochibowohirou aren lezen; verzamelen; vergaren; oprapen
貯水する chosuisuru water opslaan; verzamelen
集まる atsumaru samenkomen; verzamelen; bijeenkomen
集中する shuuchuusuru (1) concentreren; centraliseren; in één punt samenbrengen; verzamelen; doen samenkomen; convergeren; (2) zich concentreren; zich richten op; zich toespitsen
集合する shuugousuru (1) zich verzamelen; samenkomen; bijeenkomen; bij elkaar komen; zich scharen; bijeenlopen; te hoop lopen; [oneig.;m.b.t. mensenmassa] zich ophopen; [fig.] samenstromen; samenscholen; (2) verzamelen; samenbrengen; bijeenbrengen; bij elkaar brengen; bijeenroepen; samenroepen; vergaren
集大成する shuutaiseisuru compileren; verzamelen; bundelen; samenstellen
集成する shuuseisuru compileren; verzamelen; in één geheel; corpus samenvatten; [i.h.b.] codificeren
集積する;聚積する shuusekisuru (1) bijeenbrengen; verzamelen; vergaren; opstapelen; opeenstapelen; ophopen; opeenhopen; samenhopen; accumuleren; [elektr.] integreren; (2) zich opstapelen; zich opeenstapelen; zich ophopen; zich opeenhopen; zich accumuleren; zich verzamelen
集結する shuuketsu (1) verzamelen; samenbrengen; groeperen; concentreren; (2) zich verzamelen; samenkomen; bijeenkomen; zich concentreren; samentrekken; zich groeperen; zich samenvoegen
集 shuu (1) verzameling; collectie; bloemlezing; (a) (zich) verzamelen; (b) verzameling; collectie; bloemlezing
鳩 kyuu (a) duif; (b) (zich) verzamelen; bijeenkomen; bijeensteken
Tijd: 1.49 sec. jiten.nl: 8 treffers, warandict: 38 treffers (zoekopdracht: 'verzamelen').
2005-2026
