日蘭辭典+

9 resultaten voor ‘aandraaien’
日蘭辭典 (trefwoord)
neji螺旋

(ねじ, 螺子, 捻子) zn. schroef m.; kraan (栓) v. ¶ 螺旋締める vastschroeven. ¶ 捻子を締める schroef aandraaien. ¶ 捻子を拔く losschroeven; schroef losdraaien. ¶ 螺旋鋲 schroefpen; vaar. ¶ 螺旋止 moer. ¶ 螺旋廻し schroevendraaier; schroefsleutel. ¶ 螺 boor.

tsukeru附ける

(付ける) t.w. (1) [接合] bevestigen; hechten; vastmaken. i.w. (2) [裝ふ] uitrusten. t.w. (3) [尾行] volgen. (4) [値を] bieden. (5) [點火] aansteken. ¶ 身に附ける bij zich hebben. ¶ 鈕を附ける knoop aanzetten. ¶ ペン軸にペンを附ける pen in den penhouder steken. ¶ 帳面に附ける inboeken. ¶ 船を棧橋に著ける een schip langszij van de kade brengen. ¶ 煙草を附ける sigaar aansteken. ¶ 電燈を附ける licht aandraaien. ¶ 名を附ける naam geven, noemen. ¶ 人の後を附ける iemands spoor volgen. ¶ 氣を附ける aandacht vestigen; oppassen. ¶ 子供に財產を附ける kapitaal vastzetten op een kind. ¶ 道を附ける weg maken. ¶ 色を附ける kleuren. ¶ 値を附ける bieden voor.

RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <aandraaien>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
入れる ireru (1) plaatsen in; indoen; inzetten in; inbrengen in; (2) inschenken; ingieten; bijgieten; (3) toevoegen; bijvoegen; invoegen; (4) binnenlaten; laten binnenkomen; (5) [iemand;bv. patiënt;student;gast etc.] toelaten; onder zijn hoede nemen; (6) kunnen bevatten; plaats hebben voor; groot genoeg zijn voor; ruim genoeg zijn voor [een bepaald aantal personen]; (7) aanwerven; aanbrengen; in dienst nemen; ronselen; rekruteren; (8) luisteren naar [een advies;verzoek;visie van iemand anders etc.]; gehoor geven aan; (9) tolereren; dulden; aanvaarden; begrip hebben voor; begrijpen; pikken; (10) samengaan; kunnen samengaan; verenigbaar zijn; compatibel zijn; consistent zijn; (11) meerekenen; meetellen; incalculeren; inbegrepen zijn; (12) [茶;こーひーを] maken; zetten; (13) [すいっちを] aanswitchen; aansteken; aandraaien; aanzetten; aandoen; aanknippen; in werking stellen; zetten; inschakelen
回して固定する mawashitekoteisuru aandraaien; vastdraaien
回す;廻す mawasu (1) (doen) draaien; draaien aan; wentelen; omdraaien; aandraaien; omwenden; omwentelen; omzwenken; ronddraaien; laten rondwentelen; aan het rollen brengen; doen tollen; [wasmachine;ventilator e.d.] aanzetten; [een vat;hoepel e.d.] (voort)rollen; (2) omgeven met [een muur;gracht enz.]; (3) doen reiken tot; (4) rondgeven; doorgeven; laten rondgaan; overhandigen; [塩を] aangeven; (5) uitzenden; sturen; rondzenden; omsturen; overzenden; opsturen; doorzenden; doorsturen; doorverwijzen [naar de specialist enz.]; overplaatsen; doorverbinden [met een ander toestelnummer]; (6) uitzetten; [op interest enz.] zetten; beleggen; (7) rond-; om- [sluit aan op de ren'yōkei van dōshi]
巻く;捲く maku (1) wikkelen; omwinden; omwikkelen; omslaan; inwikkelen; omdoen; omrollen; (2) omgeven; omsingelen; omringen; omsluiten; (3) winden; spoelen; rollen; (ineen) draaien; oprollen; ineenrollen; opwinden; opwikkelen; [i.h.b.] opklossen; (4) doen wervelen; doen kolken; doen ronddraaien; doen wielen; doen dwarrelen; (5) opwinden; opdraaien; aanschroeven; aandraaien; (6) [alpinisme] omtrekken; eromheen trekken; omlopen; (7) wervelen; kringelen; zich winden om; zich slingeren om; zich oprollen; zich wikkelen; zich kronkelen om
捻る;拈る;撚る hineru (1) draaien; wringen; aandraaien; [zijn haar rond zijn vingers] krullen; [i.h.b.] effect geven [aan een bal]; [zijn hersens enz.] pijnigen; (2) [iemands arm;een kip de nek enz.] omdraaien; verwringen; [zijn enkel e.d.] verdraaien; (3) [een geestesproduct] uitdenken; uitbroeden; uitwerken; (4) makkelijk verslaan; met gemak kloppen
真綿で首を締めるよう mawatadekubiwoshimeruyou [lett.] alsof men iemand met vloszijde zou wurgen; ± beetje bij beetje de duimschroeven aanzetten; aanleggen; aandraaien
締める;絞める;〆める;緊める shimeru (1) (締める;絞める)[帯を] aanhalen; omdoen; omgorden; strak trekken; verstrakken; gespannen maken; aanspannen; opspannen; spannen; aanzetten; aansnoeren; vastsnoeren; [栓を] vastdraaien; aandraaien; dichtdraaien; [ねじで] aanschroeven; (2) (絞める) wurgen; kelen; doen stikken; verwurgen; smoren; verstikken; de strot dichtknijpen; de keel toeknijpen; [w.g.] stranguleren; [m.b.t. pluimvee] de nek omdraaien; [euf.] slachten; [arch.] worgen; (3) (締める;〆める) afronden; sluiten; [勘定を] afsluiten; [i.h.b.] (alles) bij elkaar optellen; rekenen; nemen; [i.h.b.] sommeren; (4) (締める;緊め) streng zijn voor; tegen; goed in bedwang hebben; kort houden; [uitdr.] de teugels aanhalen; [uitdr.] de schroeven wat aandraaien; (5) (締める) bezuinigen (op); besparen (op); besnoeien (op); zuinig; spaarzaam zijn (met); matigen; economiseren; [m.b.t. uitgaven] inperken; beperken; inkrimpen; bekrimpen; terugbrengen; [uitdr.] de buikriem; broekriem aanhalen; versoberen; [m.b.t. overheid;fig.;euf.] ombuigen; (6) (絞める;〆める) [cul.] met zout of azijn behandelen (zodat het (vis)vlees stevig wordt); [i.h.b.] pekelen; [i.h.b.] marineren; [塩で] zouten; [酢で] met azijn behandelen
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 1.54 sec. jiten.nl: 2 treffers, warandict: 7 treffers (zoekopdracht: 'aandraaien'). 
2005-2026