日蘭辭典+

24 resultaten voor ‘kwaliteit’
日蘭辭典 (trefwoord)
tachi
zn. (1) [品質] kwaliteit v.; hoedanigheid v. (2) [性質] aard m.; natuur v.; karakter o. (3) [體質] gestel o. ¶ 質の惡い kwaadaardig (性質); minderwaardig (品質).
dake
(だけ) bw. (1) [ばかりのみ] alleen maar; slechts; niet meer dan. (2) [相當價値] ter waarde van; een hoeveelheid van; ten minste (少なくも). (3) [程度、範圍] zoo ver als......; hoe meer ...... hoe meer (……すれば其れ). ¶ のペンは是か zijn dit al de pennen uit de doos? ¶ 今度は勘辨してやる voor dezen keer zal ik het door de vingers zien. ¶ 三切手を三下さい geef mij voor drie yen postzegels van drie cent ¶ 彼は知らせねばならぬ hij althans dient te worden ingelicht. ¶ 自由愛する壓世を憎む hij haat verdrukking evenzeer als hij de vrijheid liefheeft. ¶ 高ければ高いよくなる hoe duurder het is hoe beter de kwaliteit. ¶ 軍人zooals een goed soldaat betaamt.
soakuna粗惡な
bn. grof; inferieur; van slechte kwaliteit
ichiyō一樣
(一様) zn. gelijkheid v.; gelijksoortigheid v.; eenvormigheid v.; uniformiteit v. ¶ 一樣の gelijksoortig; zelfde. ¶ 一樣の品物 artikelen van dezelfde kwaliteit. ¶ 一樣に op dezelfde manier; gelijkelijk; evenzeer.
shina
zn. artikel o.; waar v.; kwaliteit (品質) v. ¶ 落ちる de kwaliteit is minderwaardig. ¶ を落す de kwaliteit verminderen; slechtere waar leveren. ¶ 見本違ふ de geleverde waar stemt niet overeen met het monster.
kudasu下す、降す

t.w. (1) [おろす] neerlaten; naar beneden laten gaan. (2) [與へる] geven; schenken. (3) [命令] uitvaardigen. (4) [敵を] ten onder brengen. i.w. (5) [腹を] purgeeren; laxeeren. ¶ 讀み下す doorlezen. ¶ 書き下す neerschrijven. ¶ 品質を下す kwaliteit verminderen. ¶ 川に筏を下す een vlot de rivier laten afzakken.

yūretsu優劣

zn. kwaliteit v.; hoedanigheid v. ¶ 優劣を爭ふ zich met elkaar meten. ¶ 優劣なき van gelijke verdiensten; even goed; onbeslist.

yoshiashi善惡

(善悪) zn. goed en kwaad; hoedanigheid v.; kwaliteit v.

yaki

(焼) zn. (1) [パン等の] bakken o.; roosteren (焙り) o. (2) [刃物の] harden o. (3) [陶器] kwaliteit van porselein o.; aardewerk (燒物) o. ¶ 燒が惡い slecht gebakken.

wariai割合

zn. verhouding v.; reden v. ¶ 五對二の割合 verhouding van vijf tot twee. ¶ 割合に betrekkelijk; naar verhouding; in aanmerking genomen, dat…… ¶ 値の安い割合に品がよい de kwaliteit is goed voor den prijs.

RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <kwaliteit>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
上等 joutou (1) superioriteit; uitstekendheid; (superieure) kwaliteit; voortreffelijkheid; uitmuntendheid; uitnemendheid; excellentie; (2) uitstekend; superieur; voortreffelijk; uitmuntend; uitnemend; excellent; prima; uitgelezen; uitgezocht; superbe; van de bovenste plank; [attr.] eersteklas-; [attr.] top-; [attr.] klasse-; [attr.] eersterangs-; [attr.] kwaliteits-
別品 beppin (1) andere waar; kwaliteit; bijzonder goed artikel; speciaal artikel; (2) bijzonder mooie vrouw; schoonheid; knappe verschijning; lekker stuk; spetter; kanjer; stoot van een meid
品位 hini (1) waardigheid; digniteit; respectabiliteit; achtenswaardigheid; achtbaarheid; eerbiedwaardigheid; (2) [muntw.] gehalte; kwaliteit; [金の] karaat; zuiverheidsgraad; (3) [delfst.] metaalgehalte
品質 hinshitsu kwaliteit; kaliber; [だいやもんどの] water
shina (1) goed; waar; spul; [m.b.t. handel] artikel; [verzameln.] goederen; [verzameln.] waren; [i.h.b.] voorraad; (2) kwaliteit; (3) iets; ding; [i.h.b.] gift; [i.h.b.] cadeau; [m.b.t. menu] gerecht
hin (1) goed; artikel; waar; [cul.] gang; (2) (mate van) verfijning; waardigheid; fatsoen; kwaliteit; oorbaarheid
善し悪し yoshiashi goed of slecht; goede en slechte eigenschappen; kwaliteit; geschiktheid; goed en kwaad; het voor en het tegen; voor- en nadeel; lusten en lasten
巧拙 kousetsu vaardigheid of gebrek daaraan; bedrevenheid en onbedrevenheid; mate van bekwaamheid; kwaliteit
性質 seishitsu (1) natuur; aard; inborst; karakter; [veroud.] grond; gemoed; gesteldheid; signatuur; temperament; complexie; geaardheid; aanleg; dispositie; geneigdheid; (2) kwaliteit; eigenschap; kenmerk; karakteristiek; attribuut
mono (1) ding; voorwerp; zaak; goed; stuk; artikel; waar; iets; object; brok; spul; materiaal; (2) aangelegenheid; kwestie; historie; affaire; materie; onderwerp; punt; (3) eigendom; bezit; have; goed; (4) kwaliteit; (5) rede; wat redelijk is; (6) -werk; -stuk; (7) -wekkend; -aanjagend; -barend; -gevend; wat ~ veroorzaakt
tsubu (1) korrel; korreltje; grein; greintje; bolletje; druppel; (2) aard; natuur; kwaliteit; grootte; kaliber; (3) [maatwoord voor korrels;bolletjes;pillen enz.]
shitsu (1) aard; karakter; natuur; (2) kwaliteit; gehalte; kaliber; degelijkheidsgraad; (3) gestel
長所;長処 chousho (1) sterk punt; sterke kant; zijde; goede; beste eigenschap; kwaliteit; fort; het voor; gunstig element; plus; (2) verdienste; merite; (3) voordeel; pluspunt; winstpunt; aanwinst; [fig.] troef; [gew.;veroud.] avantage
chou (1) hoofd; chef; baas; leider; oudste; aanvoerder; meerdere; meester; directeur; voorzitter; patroon; president; principaal; (2) meerdere in jaren; (3) het beste (onder ~); sterk punt; gunstig element; goede eigenschap; fort; kwaliteit; voordeel; merites; (4) [muz.] majeur; dur
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 1.43 sec. jiten.nl: 10 treffers, warandict: 14 treffers (zoekopdracht: 'kwaliteit'). 
2005-2026