
日
蘭
蘭
辭
典
典
日蘭辭典+
日蘭辭典 (trefwoord)
en-en・蜿蜒
(延々, 蜿々) bw. kronkelend; onafgebroken.
tsukikiri・附切
zn. voortdurende zorg v.; onafgebroken verpleging v.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <onafgebroken>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
ぶっ続けに buttsuzukeni aaneen; continu; onafgebroken; achtereen; achter; na elkaar; zonder tussenpozen; aan één stuk
一気に ikkini in één adem; zonder tussenpozen; zonder onderbreking; onafgebroken; non-stop; zonder te stoppen; aan één stuk (door); in enen; inenen door; achtereen; in één raffel; in één klap; in één beurt; in één keer; in één ruk; in; met één slag; in één teug
引き続き hikitsuzuki (1) ononderbroken; continu; onophoudelijk; onafgebroken; doorlopend; zonder ophouden; zonder te stoppen; voortdurend; constant; aan één stuk door; nonstop; (2) daarna; daaropvolgend; vervolgens; aansluitend; dan
持続的 jizokuteki blijvend; aanhoudend; bestendig; continu; onafgebroken; lang meegaand; duurzaam; durend; voortdurend; durabel; duratief
絶えず taezu altijd; almaar; aldoor; voortdurend; aanhoudend; niet-aflatend; blijvend; ononderbroken; onafgebroken; doorlopend; onophoudelijk; eindeloos; zonder te stoppen; gedurig; constant; non-stop; permanent; continu; de hele tijd; gestaag; stadig; [volkst.] studie-an; [volkst.] studie-andoor
絶え間ない taemanai onophoudelijk; aanhoudend; niet-aflatend; voortdurend; gestaag; constant; ononderbroken; onafgebroken; doorlopend; continu
綿々 menmen onafgebroken; ononderbroken; onophoudelijk; continu; aanhoudend; voortdurend; eindeloos; oeverloos
綿々たる menmentaru onafgebroken; ononderbroken; onophoudelijk; continu; aanhoudend; voortdurend; eindeloos; oeverloos
綿々と menmento onafgebroken; ononderbroken; aan één stuk door; onophoudelijk; zonder te stoppen; continu; aanhoudend; voortdurend; eindeloos; oeverloos
詰める tsumeru (1) [op zijn post] blijven; zich paraat houden; op wacht staan; posten; (2) vullen (met); [koffers enz.] pakken; opvullen (met); stoppen; volstoppen; dichtstoppen; proppen; toeproppen; stouwen; [tandh.] plomberen; (3) (nauwer) doen aansluiten; dicht(er) opeen doen staan; zitten; dichter bij elkaar plaatsen; doen aanschikken; doen opeenpakken; aanhalen; (4) inkorten; verkorten; korter maken; bekorten; korten (met); afkorten; [m.b.t. kledingstuk] inleggen; [m.b.t. voorsprong;afstand] verkleinen; verminderen; [op de uitgaven enz.] besnoeien; bezuinigen; [de uitgaven enz.] beperken; inperken; [m.b.t. adem] inhouden; [m.b.t. vinger] knotten; (5) een eind maken aan [een discussie enz.]; beëindigen; afwikkelen; afronden; z'n beslag geven; ten einde brengen; de laatste hand leggen aan; (6) (onverdroten; onafgebroken; ononderbroken; continu; doorlopend; non-stop; de hele tijd; aanhoudend; constant) blijven ~; (geconcentreerd; ingespannen; intensief; intens) bezig zijn met ~; (7) schaak geven; schaak zetten; (schaak)mat zetten; (schaak)mat geven
詰め zume (1) […~] het vullen; -vulling; (2) […~] exclusief afgaand op …; (3) […~] ingedeeld bij …; geaccrediteerd bij …; (4) […~] aan de voet van …; dichtbij …; nabij …; (5) […~] voortdurend; onafgebroken; aan een stuk blijven …
連続的 renzokuteki opeenvolgend; achtereenvolgend; successief; continu; consecutief; doorlopend; voortdurend; ononderbroken; onafgebroken; [~に] successievelijk; achtereenvolgens; na elkaar; achtereen; achterelkaar; in successie
間断なく kandannaku zonder ophouden; zonder onderbreking; zonder te stoppen; zonder respijt; aan één stuk door; onophoudelijk; ononderbroken; onafgebroken; doorlopend; achterelkaar; [form.] achterelkander; continu; constant; niet-aflatend; voortdurend; bij voortduring; aanhoudend; stadig; gestaag; almaar; alsmaar; gedurig; steeds
飽く無き akunaki (1) onverzadigbaar; onbevredigbaar; onstilbaar; onlesbaar; (2) onafgebroken; onophoudelijk; aanhoudend; voortdurend; onverdroten
Tijd: 1.45 sec. jiten.nl: 4 treffers, warandict: 14 treffers (zoekopdracht: 'onafgebroken').
2005-2026
