日蘭辭典+

15 resultaten voor ‘verzuimen’
日蘭辭典 (trefwoord)
kesseki缺席
(欠席) zn. afwezigheid v.; verzuim om te verschijnen; absentie v. ¶ 缺席判決 vonnis bij verstek. ¶ 缺席する afwezig zijn; absent zijn; verzuimen; niet verschijnen.
namakeru怠ける
i.w. lui zijn; nalatig zijn; lui; traag; vadsig. ¶ 仕事怠ける zijn plicht verzuimen; nalatig zijn in zijn werk.
okotaru怠る
i.w. nalatig zijn; luieren; slabakken. t.w. veronachtzamen; verzuimen
kakeru缺ける
(欠ける) i.w. (1) [怠る] tekort schieten in; nalatig zijn in; in gebreke blijven; t.w. veronachtzamen; verzuimen. i.w. (2) [破損] beschadigd zijn. (3) [不足] ontbreken. ¶ が虧けて行く de maan is aan het afnemen.
yoso餘所

(余所) zn. andere plaats v.; bw. elders; ergens anders. ¶ 餘所の van elders; ander. ¶ 餘所から van elders. ¶ 餘所へ行く ergens heengaan; uitgaan; weggaan. ¶ 餘所に見る zich er niets van aantrekken. ¶ 業務を餘所にする zijn werk niet doen; zijn plicht verzuimen.

tsuminokosu積殘す

(積み残す) t.w. achterlaten; niet verschepen; verzuimen te laden.

RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <verzuimen>
なおざりにする naozarinisuru verwaarlozen; veronachtzamen; geen acht slaan op; laten sloffen; verzuimen; [w.g.] verachtelozen
弛む tayumu (1) verslappen; slap worden; (2) bedaren; luwen; (3) verwaarlozen; verzuimen; nalatig zijn; het laten afweten; met iets sloffen; zich minder inspannen; [i.h.b.] z'n aandacht laten verslappen; slordig worden in het werk; (4) slap hangen; doorhangen; doorzakken; doorbuigen; (5) lusteloos worden; futloos worden; sloom worden
怠ける;懶ける namakeru (1) verzuimen; wegblijven van; (2) veronachtzamen; verwaarlozen; negligeren; laten sloffen; de hand lichten met; lui zijn (in); verluieren
怠る;惰る okotaru (1) veronachtzamen; verwaarlozen; laten sloffen; geen acht slaan op; nalatig zijn in; nalaten; verzuimen; tekortschieten in; de hand lichten met; achterwege blijven met; achterwege laten; (2) [病気が] beteren; helen; aan de beterende hand zijn; genezen
欠勤する kekkinsuru niet op het werk zijn; afwezig zijn; niet aanwezig zijn; absent zijn; wegblijven; niet verschijnen; verzuimen; [fig.] verstek laten gaan
欠席する kessekisuru afwezig zijn; absent zijn; niet verschijnen; niet aanwezig zijn; verzuimen; [fig.] verstek laten gaan
狡休みする zuruyasumisuru verzuimen; spijbelen; flansen; zich drukken; [gew.] verlopen
疎かにする orosokanisuru verwaarlozen; veronachtzamen; geen aandacht wijden aan; geen zorg besteden aan; onvoldoende acht slaan op; verzuimen; negligeren; verzaken; versloffen; verslonzen; zich met een jantje-van-leiden ergens van afmaken; te weinig attentie schenken aan
見逃す minogasu (1) over het hoofd zien; voorbijgaan aan; voorbijzien; onopgemerkt laten; links laten liggen; veronachtzamen; uit het oog verliezen; niet zien; opmerken; missen; mislopen; (2) door de vingers zien; oogluikend toezien; stilzwijgend laten passeren; negeren; geen aandacht schenken aan; over z'n kant laten gaan; zo maar laten gebeuren; (3) verkijken; voorbij laten gaan; laten passeren; laten schieten; verzuimen; vergeten te kijken; overslaan; (4) [honkb.] misslaan
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 1.38 sec. jiten.nl: 6 treffers, warandict: 9 treffers (zoekopdracht: 'verzuimen'). 
2005-2026