
日
蘭
蘭
辭
典
典
日蘭辭典+
日蘭辭典 (trefwoord)
goraku・娯樂
(娯楽) vermaak o.; plezier o.; genoegen o. ¶ 娯樂的 vermakelijk; amusant. ¶ 娯樂室 recreatie-zaal
yūran・遊覽
yorokobi・喜
(喜び) zn. vreugde v.; blijdschap o.; genoegen o.; genot o. ¶ 御喜を申す gelukwenschen; feliciteeren. ¶ 喜事 heuglijke gebeurtenis; blijde tijding.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <genoegen>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
ジョイ joi vreugde; plezier; genoegen
享楽 kyouraku genot; plezier; lust; genoegen; genieting; geneugte
喜び yorokobi (1) vreugde; blijdschap; plezier; genoegen; behagen; genot; lust; vermaak; blijheid; welgevallen; (2) blijde gebeurtenis; blijdschap; (3) gelukwens; felicitatie; heilwens
嗜好 shikou smaak; voorkeur; genoegen; meug; [Belg.N.;spreekt.] goesting
如意 nyoi (1) gerief; genoegen; voldoening; gaan zoals men het zou willen; naar hartenwens gaan; z'n zin krijgen; bereiken wat men nastreeft; (2) [boeddh.] anuruddha [= soort van ceremoniële scepter]
娯楽 goraku (1) vermaak; plezier; genoegen; (2) recreatie; ontspanning; afleiding; verpozing; tijdverdrijf; (3) hobby; liefhebberij
嬉しさ ureshisa geluk; blijdschap; blijheid; genoegen; verheugenis; vreugde
快感 kaikan aangenaam; behaaglijk; lekker gevoel; lustgevoel; genoegen; genot; welgevallen
快楽 kairaku genoegen; geneugte; plezier; genot
快 kai (1) welbevinden; genoegen; behagen; genot; plezier; (a) aangenaam; fijn; (b) snel; (c) scherp; (d) ziekteherstel
悦に入る etsuniiru zich verheugen (in; over); zich vergenoegen (met); genoegen; behagen scheppen in; prettig vinden; genieten van; plezier hebben (in); in de wolken zijn (met); opgetogen zijn (over); verrukt zijn (over; van); zich verkneukelen (in)
愉快 yukai (1) aangenaamheid; behagen; genoegen; genot; vermaak; behaaglijkheid; vreugde; plezier; schik; pret; aardigheid; leukheid; welgevallen; welbehagen; verblijding; jolijt; (2) aangenaam; prettig; plezierig; leuk; fijn; plezant; genoeglijk; genietelijk; vermakelijk; goed; aardig; jolig; welgevallig; behaaglijk; weldadig; leutig
愉悦 yuetsu vreugde; genoegen; genot; plezier; behagen
楽しみ;愉しみ;楽 tanoshimi (1) plezier; pret; vreugde; vermaak; amusement; aardigheid; leukheid; genot; geneugte; schik; lust; genoegen; behagen; [veroud.] verlustiging; leut; (2) verwachting; hoop; blijdschap; [form.] verheugenis; verheuging; dat waar iem. naar uitkijkt; uitziet
満足 manzoku (1) tevredenheid; genoegen; voldoening; satisfactie; bevredigdheid; genoegzaamheid; genoeglijkheid; vergenoegdheid; voldaanheid; (2) genoegdoening; bevrediging; vervulling; vergenoeging; (3) voldoening schenkend; bevredigend; tevredenstellend; voldoende; genoegzaam; genoeg; toereikend; sufficiënt; adequaat; fatsoenlijk; behoorlijk; (4) compleet; intact; perfect; volschapen
納まる osamaru (1) bezorgd worden; besteld worden; geleverd; afgeleverd worden; (2) gesetteld raken; rust vinden; zich thuis gaan voelen; ingewerkt raken; (3) verdragen; slikken; nemen; pikken; genoegen; vrede nemen
興じる kyoujiru zich vermaken met; zich amuseren met; zich vermeien in; genoegen; vermaak vinden in; zich verlustigen in; genoegen scheppen in
面白く omoshiroku (1) genoeglijk; aangenaam; gemoedelijk; met plezier; genoegen; (2) koddig; grappig; vermakelijk; amusant; (3) geïnteresseerd; belangstellend; vol interesse
Tijd: 1.71 sec. jiten.nl: 11 treffers, warandict: 18 treffers (zoekopdracht: 'genoegen').
2005-2026
