日蘭辭典+

22 resultaten voor ‘waardeloos’
日蘭辭典 (trefwoord)
amari餘り
(余り) zn. (1) [以上] meerdere o.; overmaat v. (2) [殘餘] rest v.; restant v.; overschot o.; teveel o. (3) [差額] saldo o. ¶ 悲しさの餘り overmaat van smart. ¶ 四十餘り over de veertig. ¶ 食事の餘り overblijfselen van eten. ¶ 餘りはお前にやる je mag de rest houden. (俗) laat maar zitten. ¶ 餘りの resteerend; waardeloos.
atai
() zn. (1) [價値] waarde v. (2) [代] prijs m. ¶ 價値ある waardevol; kostbaar; waard om......; waardig om....... ¶ 價値なき waardeloos; niet waardig om....... ¶ 一讀の價値あり waard om gelezen te worden; verdient gelezen te worden. ¶ 價する (金が掛かる) kosten. ¶ 何々價する verdienen; waard zijn.
yakuzaやくざ
zn. onwaarde v.; prulleboel m. ¶ やくざの klungelig; prullig; waardeloos; nergens toe deugend; ondeugdelijk. ¶ やくざ者 nietsnut. ¶ やくざ女 slet; lel.
furyō不良
bn. (1) [劣等] slecht; inferieur. (2) [罪悪] misdadig; slecht; demoraliseerd. ¶ 不良品 minderwaardige artikelen. ¶ 不良の健康 slechte gezondheid. ¶ 不良少年 misdadige jeugd.
kūbun空文
kudaranai下らない

bn. (1) [馬鹿げた] onzinnig; dwaas; kinderachtig. (2) [無益な] vruchteloos; nutteloos; waardeloos. (3) [とるに足らない] onnoemenswaardig; verachtelijk. ¶ 下らない事を言ふ nonsens kletsen.

yobi豫備

(予備) zn. (1) [準備] voorbereiding v.; toebereidselen o.mv. (2) [豫備] reserve v. ¶ 豫備室 extra kamer; kamer, die nog vrij is. ¶ 豫備錨 waardeloos anker; reserve-anker. ¶ 豫備判事 vervangend rechter. ¶ 豫備將校 reserveofficier. ¶ 豫備に持つてゐる in gereedheid houden; in reserve houden. ¶ 豫備軍 reservetroepen. ¶ 豫備金 reservefonds. ¶ 豫備交涉 voorloopige besprekingen. ¶ 豫備校 voorbereidende school. ¶ 豫備手段 voorzorgen; voorbereidende maatregelen. ¶ 豫備する in reserve houden; voorbereid zijn; voorzorgen nemen.

tsumaranai詰らない

bn. (1) [價値無き] nutteloos; waardeloos; tot niets nut. (2) [けちな] onbeduidend; mieserig. (3) [無趣味] onbelangrijk; niet interessant. (4) [馬鹿げた] dwaas; zinneloos. ¶ 詰らない奴 een vent van niets. ¶ 詰らない本 onbeduidend boek. ¶ 詰らぬ事に騷ぐ zich opwinden over een kleinigheid. ¶ 人生を詰らなく思ふ het leven moede zijn; niets meer om het leven geven.

RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <waardeloos>
えせ ese (1) schijn-; pseudo-; nep-; gewaand; onecht; vals; zogenaamd; soi-disant; would-be; gesimuleerd; voorgewend; geveinsd; quasi-; (2) minderwaardig; waardeloos
やくざ yakuza (1) gangster; [verzameln.] yakuza; Japanse georganiseerde misdaad; (2) gokker; speler; (3) waardeloos; onbruikbaar
三下 sanshita (1) onbeduidend; onbetekenend persoon; niemendal; nul; onbeduidendheid; non-valeur; [verzameln.] onbelangrijke lieden; kleine luiden; (2) minst succesvolle gokker; rode lantaarn; hekkensluiter; (3) onbelangrijk; onbeduidend; onbenullig; waardeloos; van generlei waarde
下らない kudaranai (1) betekenisloos; zonder wezenlijke betekenis; triviaal; onbeduidend; banaal; (2) waardeloos; van geen waarde; (3) nutteloos; vruchteloos; vergeefs; (4) absurd; ongerijmd; stom; onzinnig; dwaas; ijdel; leeg
取るに足らない torunitaranai onbelangrijk; te verwaarlozen; onbeduidend; onbetekenend; van weinig belang; irrelevant; onaanzienlijk; triviaal; onbenullig; nietig; waardeloos
取るに足りない torunitarinai onbelangrijk; te verwaarlozen; onbeduidend; onbetekenend; van weinig belang; irrelevant; onaanzienlijk; triviaal; onbenullig; nietig; waardeloos
埴猪口 henachoko (1) groentje; beginneling; nieuwkomer; snotneus; vent van niks; (2) onervaren; onbeduidend; waardeloos; onbetekenend
愚劣 guretsu (1) dwaasheid; stommiteit; waanzin; (2) dwaas; stom; dom; onzinnig; waardeloos; onverstandig; onnozel; zot
浅ましい asamashii (1) gemeen; laag; vuig; min; verachtelijk; laag-bij-de-gronds; laaghartig; eerloos; onwaardig; schaamteloos; schandelijk; veil; waardeloos; (2) ellendig; wreed; naar; miserabel; erbarmelijk; jammerlijk; betreurenswaardig; beklagenswaardig; (3) schamel; pover; onaanzienlijk; armzalig; (4) onverwacht; onvoorzien; verrassend; (5) teleurstellend; ontluisterend; spijtig; sneu; (6) erg; enorm; ontzettend; (7) [~なる] aan zijn eind komen; sterven
無価値 mukachi (1) waardeloosheid; onwaarde; (2) waardeloos; zonder waarde
腑甲斐無い fugainai (1) laf; lafhartig; slap; flauw; kleinhartig; kleinmoedig; (2) nietswaardig; waardeloos; onbruikbaar
詰まらない tsumaranai (1) saai; vervelend; oninteressant; stom; eentonig; monotoon; taai; geesteloos; zouteloos; slaapverwekkend; glansloos; kleurloos; vaal; (2) onbelangrijk; onbetekenend; onbeduidend; min; nietig; banaal; te verwaarlozen; nietszeggend; flauw; triviaal; nietswaardig; waardeloos; (3) teleurstellend; onbevredigend; tegenvallend; ontgoochelend; dat zet geen zoden aan de dijk; het heeft geen zin; (4) dwaas; onnozel; onzinnig; [inform.] lullig; stom; mal
駄目 dame (1) [go-term] neutraal vakje; (2) [ton.] (waarschuwing voor een) slecht punt in de regie; de opvoering; het scenario; script enz.; (3) slecht; niet-deugend; waardeloos; nietswaardig; nep; (4) nutteloos; onbruikbaar; ongeschikt; vergeefs; vruchteloos; zinloos; infructueus; onnut; ~ heeft geen zin; het haalt niets uit; er is niets mee te beginnen; hopeloos; naar de maan; bliksem; verknoeid; mislukt; (5) onmogelijk; tot mislukken gedoemd; incapabel; dat lukt niet; zo gaat het niet; dat wordt niets; (6) dat is verboden; dat past niet; dat mag niet; dat gaat niet aan; dat is niet toegestaan; daar komt niets van in; dat is hier contrabande; nee; laat dat; stop; niet doen
駄目な damena (1) slecht; niet-deugend; waardeloos; nietswaardig; incapabel; onbekwaam; incompetent; (2) nutteloos; onbruikbaar; ongeschikt; vergeefs; vruchteloos; zinloos; infructueus; onnut; hopeloos; verknoeid; mislukt; (3) onmogelijk; tot mislukken gedoemd; (4) verboden; ongeoorloofd; ongepast
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 1.27 sec. jiten.nl: 8 treffers, warandict: 14 treffers (zoekopdracht: 'waardeloos'). 
2005-2026