
日
蘭
蘭
辭
典
典
日蘭辭典+
日蘭辭典 (trefwoord)
kuchi・口
zn. (1) [口] mond m. (2) [言語] taal v. ; woord v. (3) [味感] smaak m. (4) [入口] deur v.; ingang m. (5) [吸口] mondstuk o. (6) [穴] opening v.; gat o. (7) [空位] vacature v.; vacante plaats v.; betrekking v. (8) [人數] aantal personen m. (9) [割前] aandeel o.; portie v.; (10) [部類] soort v.; artikel o.; merk o. ¶ 口を開く den mond opendoen. ¶ 口をきく spreken met. ¶ 口を出す zich mengen in; zich bemoeien met. ¶ 口がすべる zich verspreken. ¶ 口が惡い gemeene taal uitslaan. ¶ 口と腹とは違ふ niet meenen wat men zegt. ¶ 口に合ふ naar den smaak zijn. ¶ 口を探す een baantje zoeken. ¶ 此の口は品切れになりました dit artikel is uitverkocht; deze soort hebben wij niet meer. ¶ 口にて mondeling.
wariate・割當
(割当) zn. toewijzing v.; aandeel o. ¶ 割當てる toewijzen; toebedeelen; aandeel geven; geven; aanwijzen.
wari・割
zn. (1) [割合] verhouding v.; koers m. (2) [利益] voordeel o.; winst v. (3) [比較] vergelijking v. (4) [割當] aandeel o. (5) [比率] percentage v. ¶ 俸給割で naar verhouding van het salaris. ¶ 年一割の利息 tien percent rente per jaar. ¶ 割に合はぬ niet winstgevend zijn; geen voordeel opleveren; niet betalen. ¶ 五割引 50% reductie. ¶ 年の割に丈夫 kras voor zijn leeftijd. ¶ 一時間九哩の割で走る negen mijl per uur loopen. ¶ 割に betrekkelijk; in aanmerking nemend, dat…… ¶ 雨が降つた割には可なりの聽衆でした voor zulk regenweer was de zaal goed bezet.
wakedori・分取
zn. aandeel o.; verdeeling v. ¶ 分取にする ieder zijn deel geven.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <aandeel>
シェア shea (1) [comp.] sharing; het delen; (2) [econ.] aandeel; [i.h.b.] marktaandeel
一枚 ichimai (1) [紙~] één vel; één blad; één blaadje; [写真~] één foto; [チーズ~] één plakje; één sneetje; [gew.] één schelletje; [ハンカチ~] één zakdoek; (2) rol; aandeel; (3) [~上だ] maatje te groot
分け前 wakemae aandeel
分配 bunpai (1) verdeling; ronddeling; uitdeling; distributie; toebedeling; omslag; (2) (toegewezen) deel; aandeel; gedeelte; deelneming; deling (in de winst enz.); portie; part; stuk
取り分 toribun aandeel
口 kuchi (1) mond; muil; bek; [inform.] bakkes; (2) taal; spraak; woord; (3) smaak; smaakzin; (4) persoon ten laste; mond die gevoed moet worden; (5) openstaande betrekking; vacature; vacante plaats; (6) betrekking; dienstbetrekking; baan; job; aanstelling; (7) mondstuk (van een muziekinstrument); (8) kurk; stop (van een fles); (9) opening; gat; fuit; (10) route; bergpad; riviermonding; estuarium; natuurlijke haven; (11) deur; poort; ingang; uitgang; (12) soort; artikel; merk; (13) begin; (14) gerucht; praatje; verhaal dat de ronde doet; (15) aandeel; actie; effect; portie; (16) opening van een zweer
株券 kabuken aandeelbewijs; aandeel; [veroud.] actie
株式 kabushiki aandeel; [veroud.] actie
株 kabu (1) [plantk.] stronk; stomp; stoppel; (2) wortel; (3) aandeel; aandelen; [veroud.] actie; (4) krop [sla]; (5) [maatwoord voor stronken;aandelen]
配 hai (a) schikken; combineren; (b) partner; koppel; (c) uitdelen; distribueren; (d) portie; aandeel; (e) instruering; (f) waarschuwing; (g) verbanning
配当 haitō (1) toebedeling; omslag; toewijzing; allocatie; (2) toegewezen deel; aandeel; part; portie; (uitkering van) dividend
関与 kan'yo betrokkenheid; engagement; deelname; aandeel
関係 kankei (1) relatie; betrekking; verhouding; verwantschap; verband; bemoeienis; bemoeiing; (2) deelname; aandeel; (3) invloed; (4) (seksuele) relatie; omgang
Tijd: 0.95 sec. jiten.nl: 7 treffers, warandict: 13 treffers (zoekopdracht: 'aandeel').
2005-2026
