日蘭辭典+

37 resultaten voor ‘post’
日蘭辭典 (trefwoord)
jibin次便
zn. de volgende mail v.
zenshō前哨

zn. voorpost v.; vooruitgeschoven post v.

yūsō郵送

zn. verzending per post; postzending v. ¶ 郵送料 frankeerkosten. ¶ 郵送する per post verzenden; over de post sturen.

yūbin郵便

zn. post v.; mail v. ¶ 郵便箱 brievenbus. ¶ 郵便物 mailstukken; poststukken. ¶ 留置郵便物 poste-restante. ¶ 郵便配達 bezorging van brieven. ¶ 郵便配達人 brievenbesteller; postbode. ¶ 郵便日時印 poststempel. ¶ 郵便爲替 postwissel. ¶ 郵便切手 postzegel. ¶ 郵便行囊 mailzak. ¶ 郵便局 postkantoor. ¶ 郵便列車 mailtrein. ¶ 郵便料金 frankeerkosten. ¶ 郵便船 mailboot. ¶ 郵便私書函 postbus. ¶ 手紙を郵便に出す een brief in de bus doen; brief op de post doen.

yaku

zn. (1) [官職] ambt o.; post v.; betrekking v. (2) [職務] taak v.; ambtsplicht v.; functie v.; werkkring m. (3) [芝居の] rol v. (4) [效用] nut o. ¶ 役に立つ nuttig; bruikbaar; geschikt. ¶ 役に立てる nuttig gebruik maken van. ¶ 役に立たぬ onbruikbaar; nutteloos; het geeft niets. ¶ 役を勤める functie vervullen; rol spelen; dienst doen als; fungeeren als.

uchiwake內譯

(内訳) zn. posten eener rekening. ¶ 内譯をする posten eener rekening gedetailleerd opgeven.

tsūshin通信

zn. bericht o.; correspondentie v.; mededeeling v. ¶ 通信する bericht zenden; correspondentie inzenden; verslag geven. ¶ 通信掛 correspondent; verslaggever. ¶ 通信簿 schoolrapport. ¶ 通信敎授 onderricht per brief. ¶ 通信局 directie der post en telegrafie. ¶ 通信線 communicatielijn. ¶ 通信員 correspondent. ¶ 通信社 nieuwsbureau. ¶ 通信紙 carte de correspondance (佛語). ¶ 通信手 clerk van het postkantoor; postcommies.

tsumesho詰所

(詰め所) zn. wachthuis o.; post v.; wachtpost v.

tsukedashi附出し

(付け出し) zn. post m. ¶ 附出す boeken; op rekening schrijven.

RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <post>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
ポジション pojishon (1) positie; (2) betrekking; post
ポスト posuto (1) brievenbus; bus; (2) postbus; postvak; postbox; (3) post; betrekking; positie; (4) [voetb.] doelpaal; paal; (5) post-
メール meeru (1) mail; post; [w.g.] e-post; mailbrief; mailbericht; mailing; (2) mailtje; e-mail; e-mailbericht
付箋;附箋 fusen notitieblaadje; [i.h.b.] plakkertje; zelfplakkertje; ruitertje; zelfklevende memo; post-it®
nin (1) opdracht; taak; missie; plicht; verantwoordelijkheid; (2) ambt; positie; betrekking; post; (a) opdragen; met een taak belasten; (b) overheidsambt; functie; (c) overlaten; laten
便 bin (1) gelegenheid; opportuniteit; (2) post; brieven; [i.h.b.] postbestelling; (3) verbinding; dienst; lijn; [i.h.b.] vlucht; (4) [maatwoord voor verbindingen;lijnen]
大学院 daigakuin graduate school; (hoger) instituut; (hoge)school waar een masters- of doctorsbul behaald kan worden; [meton.] post-baccalaureaat
tsukasa (1) overheidsdienst; dienst; (2) overheidsdienaar; ambtenaar; (3) ambt; betrekking; post; (4) hoofdzaak; het voornaamste; (5) hoofd; chef; directeur
定形 teikei (1) vaste vorm; (2) genormaliseerde zending; post
定形郵便物 teikeiyuubinbutsu genormaliseerde zending; post
宛名書き atenakaki (1) adresseerwerk; het adresseren van brieven; post; (2) adresschrijver
seki (1) zitplaats; plaats; zitgelegenheid; zitje; zetel; gestoelte; (2) locatie; gelegenheid; [i.h.b.] bijeenkomst; (3) positie; betrekking; post; functie; (4) variététheater; (5) rieten mat; bamboemat; (6) [maatwoord voor zitplaatsen;plaatsen]
役職 yakushoku (1) betrekking; post; functie; ambt; (2) bestuursfunctie; leidinggevende functie; managementfunctie
yaku (1) plicht; taak; functie; rol; opdracht; verantwoordelijkheid; pakkie-an; (2) (openbare) betrekking; (regerings)ambt; staatsbetrekking; post; positie [bij het Rijk]; officie; officium; [in zijn] hoedanigheid [van]; portefeuille; baan; job; dienst; (3) toneelrol; rol; (4) vroondienst; corvee; herendienst; hand- en spandienst; (5) cijns; schatting; tiend; belasting; recht; (6) [m.b.t. kaartspel;mahjong] roemer; roem in het kaartspel of bij mahjong; roemkaarten of -schijven; (7) menstruatie; maandbloeding; ongesteldheid; menses; maandstonden; (8) [maatwoord voor taken;functies;(toneel)rollen]
持ち場 mochiba (1) post; standplaats; (2) vaste ronde; vaste route; wijk; terrein; (3) bezitting; plaats die men bezit
現任 gennin (1) ambtsbekleding; ambtsvervulling; ambtswaarneming; dienstvervulling; (2) tegenwoordig ambt; huidige betrekking; functie; post; baan; job
種目 shumoku (1) item; artikel; post; (2) [sportt.] nummer; onderdeel; (3) [maatwoord voor onderdelen van een sportprogramma]
箇条;個条 kajou item; post; punt; artikel; bepaling
shoku (1) werk; baan; job; post; emplooi; (2) ambt; functie; dienst; betrekking; officie; positie; [form.] officium; [高い~] waardigheid; (3) vak; beroep; metier; ambacht; [niet alg.] stiel; [i.h.b.] vaardigheid; [i.h.b.] vakkundigheid
職場 shokuba (1) werkplek; [fig.] werkvloer; [i.h.b.] kantoor; (2) [meton.] werk; post; betrekking; baan; job
詰め所 tsumesho (1) standplaats; bureau; post; (2) wachthuis; wachtlokaal; (3) bemanningsverblijf; kamer voor de bemanning
部署 busho post; standplaats
郵便 yuubin (1) post; (2) poststuk; postzending; brief
郵便箱 yuubinbako brievenbus; [verk.] bus; post; [w.g.] postbus
馬継ぎ umatsugi (1) wisseling van paard; het wisselen van postpaard; paardenwisseling; het overstappen op een vers wisselpaard; (2) poststation; post; pleisterplaats; wisselplaats; wisselstation; station; relais; halt; [veroud.] aanleg
駅逓 ekitei (1) [gesch.] verzending van het ene poststation naar het andere; (2) [gesch.] posterijen; post; postdienst; koeriersdienst
駐屯地 chuutonchi [mil.] post; basis; station; garnizoensplaats
駐留地 chuuryuuchi [mil.] garnizoensplaats; basis; post; standplaats
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 1.46 sec. jiten.nl: 9 treffers, warandict: 28 treffers (zoekopdracht: 'post'). 
2005-2026