
日
蘭
蘭
辭
典
典
日蘭辭典+
日蘭辭典 (titelwoord)
yō・葉
zn. blad o.; lob v. ¶ 葉金 bladgoud. ¶ 葉ある gebladerd; gelobd.
yō・用
(1) [用事] zaken v.mv. (2) [役] dienst m.; nut o. (3) [入費] kosten m.mv. ¶ 用を達する zaak afdoen. ¶ 何御用なのですか wat is er van uw dienst? ¶ お前は用がないのか heb je niets te doen? ¶ 用に立てる gebruik maken van. ¶ 用に立つ bruikbaar zijn; nuttig zijn. ¶ 家庭用 huishoudelijk gebruik. ¶ 用を足す zijn behoeften doen. ¶ 用なき (仕事の無い) niets te doen; vrij; (不用な) onnoodig; nutteloos.
yō・洋
zn. oceaan m.
yō・蛹
zn. pop v.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <yō>
よう yō (1) [flexiemorfeem dat de wil;het voornemen van de spreker uitdrukt]; (2) [flexiemorfeem dat een speculatie van de spreker uitdrukt]; (3) [flexiemorfeem dat in de constructie ~とする een ophanden zijnde gebeurtenis aankondigt]; (4) [flexiemorfeem dat billijkheid;gepastheid uitdrukt]
よう yō hallo!; hoi!; hé!
容 yō (a) inbrengen; (b) inhoud; (c) vorm; uiterlijk; (d) verhoren; aanvaarden; vergeven; (e) innerlijke rust; (f) eenvoudig
庸 yō (1) [ritsuryō] heffing in natura ter vervanging van de jaarlijkse burgerdienst; (2) middelmaat; middelmatigheid; alledaagsheid; mediocriteit; banaliteit; (a) aanwerven; aanstellen; in dienst nemen; (b) doorsnee; gewoon; neutraal; (c) textiel; rijst geheven ter vervanging van de vroondienst
様 yō (1) voorkomen; het eruitzien; aanblik; indruk; (2) [aangehecht aan de ren'yōkei]; (3) zó(danig) dat ~; (in) voege (dat) ~; opdat ~; teneinde dat ~; met het doel dat ~; om ~; zoals ~; naar ~; (4) op ~ wijze; naar de wijze van ~; à la ~; à l'instar ~; ad instar ~; in de stijl van ~; in de vorm van ~; -achtig
洋 yō (1) oceaan; (2) Oost en West; [i.h.b.] het Westen
用 yō (1) nut; bruikbaarheid; dienst; (2) gebruik; (3) taak; werk; boodschap; klus; karwei; (4) kosten; prijs; uitgaven; (5) (kleine en grote) boodschap; urine en poep; (a) voor; bestemd voor; bedoeld voor; ten gebruike van; ten behoeve van; ad; in usum
羊 yō schaap
腰 yō (a) heup; lende; lage rug; taille; (b) gedeelte onder het midden
葉 yō (1) [plantk.] lob; (2) generatie; tijdperk; (3) [boeddh.] mandaat; ambtstermijn; (4) blad; (5) [maatwoord voor op een blad lijkende voorwerpen waaronder vellen papier;foto's;kaarten;briefkaarten;boekenleggers]; (6) [maatwoord voor bladzijden]; (7) [maatwoord voor stofjes]; (8) [maatwoord voor bootjes;schuiten]; (a) [plantk.] blad; (b) vel; [飛行機の] vleugel; (c) generatie; tijdperk
要 yō (1) hoofdzaak; essentie; kern; kernpunt; hoofdpunt; spil (waar alles om draait); hoofddoel; hoofdbedoeling; (2) nood; noodzaak; vereiste; must; (3) noodzakelijk; vereist; nodig; (a) eisen; vorderen; vergen; (b) onontbeerlijk; nodig; noodzakelijk zijn; (c) besluiten; samenvatten; (d) kern; hoofdzaak; spil; (e) wachten; opwachten
遥 yō (a) ver; afgelegen; (b) zwerven; dolen
陽 yō (1) yang; het positieve; actieve beginsel; (2) zichtbaarheid; uitwendige; (3) met zonlicht beschenen plek; klaarte; (a) zon; zonlicht; (b) zonkant; zuidflank van een berg; noordoever van een rivier; (c) zonnig; warm; (d) veinzing; (e) zichtbaar; openbaar; (f) yang; positief; het actieve beginsel
養 yō (a) grootbrengen; opvoeden; kweken; (b) houden; fokken; telen; (c) verzorgen; bijstaan; ondersteunen; (d) zorg voor zichzelf dragen; z'n gezondheid in acht nemen; (e) ontwikkelen; onderrichten
Tijd: 0.82 sec. jiten.nl: 10 treffers, warandict: 14 treffers (zoekopdracht: 'yō').
2005-2026
