日蘭辭典+

33 resultaten voor ‘gewoonlijk’
日蘭辭典 (trefwoord)
taitei大抵
bw. over ’t algemeen; grootendeels; meestal; gewoonlijk; waarschijnlijk (多分). ¶ 大抵meeste; bijna alle. ¶ 大抵は in den regel; bijna altijd.
tokaku兎角
bw. op de een of andere manier; gewoonlijk; veelal; geneigd om. ¶ 兎角する内に inmiddels; intusschen; onderwijl.
kyojō居常
zoku

zn. (1) [區俗] gewoonte v.; gebruik o.; zede v. (2) [僧侶に對し] leekenwereld v. (3) [野卑] vulgariteit v. ¶ 俗生活 wereldschen leven. ¶ 俗な wereldsch; gewoon; vulgair; laag bij den grond; niet verheven. ¶ 俗に gewoonlijk; gewoon; vulgair. ¶ 俗になつた afgezaagd; gewoon. ¶ 俗に言へば om een gewone uitdrukking te gebruiken; zooals men gewoonlijk zegt.

yobina呼名

(様) bn. (1) [樣式] manier v.; wijze v.; methode v. (2) [種類] soort v. (3) [外觀] uiterlijk o.; voorkomen o. ¶ 此樣な zulk; zoodanig. ¶ 此樣に zoo; op deze wijze. ¶ 同じ樣に op dezelfde wijze. ¶ ……¶ の樣に als; gelijk; alsof. ¶ 狂人の樣に als een krankzinnige. ¶ いつもの樣に zooals gewoonlijk; als altijd.

tsūrei通例

bw. gewoonlijk; in den regel; over het algemeen; meestal. ¶ 通例の gewoon; gebruikelijk; normaal; geregeld.

tsunezune常々
tsune

zn. normale toestand m.; gewone omstandigheden v.mv. ¶ 常ならぬ ongewoon; abnormaal. ¶ 常とする er een gewoonte van maken; gewoon zijn om. ¶ 常の gewoon; normaal; gebruikelijk. ¶ 常の如く als gewoonlijk. ¶ 常に gewoonlijk; in den regel; meestal. ¶ 世の常 de menschelijke natuur. ¶ 常ならぬ身になる in gezegende omstandigheden zijn; kind verwachten.

-tsukeruつける

i.w. gewend zijn; gewoon zijn. ¶ 行きつけた料理屋 het restaurant, waar men gewoonlijk naar toe gaat. ¶ 歩きつけない道 een weg, dien men nog niet kent.

tsūjō通常

bw. gewoonlijk; in den regel. ¶ 通常の gewoon; dagelijksch. ¶ 通常の日 werkdag; gewone weekdag. ¶ 通常服 daagsche kleeren. ¶ 通常禮服 rok.

TEKST EN UITLEG (trefwoord)
bron:The Tanaka Corpus開花
¶ 天候が寒いと多くの植物開花できない。 Als het weer koud is kunnen de meeste planten niet bloeien. ¶ イタリアンルネッサンスを開花させるきっかけを作ったのはジョットの功績だ。 Het was de verdienste van Giotto dat hij de aanleiding creëerde die de Italiaanse renaissance deed ontluiken. ¶ 彼は数学の才能開花した。 Hij toonde aanleg voor wiskunde. ¶ 音楽の才能は普通早く開花する。 Talent voor muziek openbaart zich gewoonlijk op jonge leeftijd.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <gewoonlijk>
一般に ippanni algemeen; gewoonlijk; in de regel; gemeenlijk; doorgaans; in 't algemeen; over 't algemeen; globaal genomen; over het geheel genomen; alles bij elkaar; ruwweg
並べて nabete over 't algemeen; globaal genomen; gewoonlijk; doorgaans; in de regel
何時も itsumo (1) altijd; steeds; immer; [w.g.] altoos; (2) [~…ない] nooit; nimmer; (3) gewoonlijk; doorgaans
何時もは itsumoha (1) gewoonlijk; doorgaans; in de regel; (2) bij andere gelegenheden; andere keren
俗に zokuni gewoonlijk; naar gewoonte; normaal; normaliter; over het algemeen; gemeenlijk; gebruikelijk; de coutume; doorgaans
大抵 taitei (1) grote lijnen; trekken; hoofdzaken; kern; essentie; hoofdgedachte; teneur; strekking; draad; hoofdlijnen; hoofdtrekken; hoofdpunten; grondtrekken; globaliteit; algemeenheid; algemeniteit; (2) doorgaans; gewoonlijk; normaal (gesproken); meestal; over het algemeen; in de regel; in usu; onder normale omstandigheden; door de band; normaliter; meest(en)tijds; veelal; in de meeste gevallen; (3) waarschijnlijk; vermoedelijk; (4) iets gewoons; iets banaals; iets eenvoudigs [gevolgd door no koto のこと + negatie]; (5) nagenoeg; vrijwel; zogoed als; praktisch; zogezegd
大概 taigai (1) gewoonlijk; doorgaans; meestal; in; over 't algemeen; voornamelijk; hoofdzakelijk; in de eerste plaats; (2) misschien; mogelijk; mogelijkerwijs; wellicht; waarschijnlijk; vermoedelijk
常日頃 tsunehigoro (1) [~の] voortdurend; constant; (2) voortdurend; constant; steeds; alsmaar door; doorlopend; als naar gewoonte; gewoonlijk
常時 jōji (1) gewone tijd; (2) gewoonlijk; doorgaans; normaliter; (3) altijd; de hele tijd; continu; constant; permanent; voortdurend
平常 heijō (1) normale toestand; omstandigheden; normaliteit; het normaal zijn; (2) normaal; normalerwijs; normaliter; gewoonlijk; doorgaans; in de regel; door de band
平時 heiji (1) gewoonlijk; doorgaans; normaliter; (2) vredestijd
必ず kanarazu (1) zeker; wat er ook gebeurt; (2) altijd; gewoonlijk
恒例 kōrei (1) vast; aloud gebruik; al lang bestaande gewoonte; gevestigde praktijk; oude geplogenheid; (2) [~の] gebruikelijk; gewoonlijk; regelmatig; vast; traditioneel
慣例の kanreino gebruikelijk; gewoonlijk; gewoon; conventioneel; traditioneel
慣行の kankōno gebruikelijk; gewoonlijk; normaal; gewoon; conventioneel
日頃 higoro (1) gewoonlijk; doorgaans; in de regel; (2) altijd; steeds; steevast; (3) een hele tijd; al; reeds lang; lange tijd
普段 fudan (1) gewoon; normaal; alledaags; gebruikelijk; vertrouwd; usueel; habitueel; [arch.] gemeen; (2) gewoonlijk; normaliter; normaal gesproken; door de band; in de regel; in usu; gebruikelijk; [arch.] gemeenlijk; steeds; altijd
普通 futsū (1) het gewone; gewoonheid; het normale; normaliteit; het conventionele; (2) gewoon; normaal; alledaags; ordinair; regulair; [i.h.b.] gewoontjes; algemeen; modaal; doorsnee ~; conventioneel; (3) gewoonlijk; naar gewoonte; normaal (gesproken); meestal; de coutume; normaliter; over het algemeen; doorgaans; gemeenlijk; in de regel
習慣的 shūkanteki gewoon; gewoonlijk; gebruikelijk; normaal; [~に] naar gewoonte; in de regel; doorgaans
通例 tsūrei (1) algemene gewoonte; normale gang van zaken; (2) gewoonlijk; naar gewoonte; doorgaans; in de regel; gebruikelijk; door de band; normaliter; in; over het algemeen
通常 tsūjō gewoonlijk; doorgaans; in de regel; normaal; in het algemeen; over 't algemeen
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 1.55 sec. jiten.nl: 12 treffers, warandict: 21 treffers (zoekopdracht: 'gewoonlijk'). 
2005-2026