日蘭辭典+

25 resultaten voor ‘you’
日蘭辭典 (titelwoord)
you醉ふ
(酔う) i.w. (1) [に] dronken worden. (2) [恍惚となる] in vervoering zijn; in extase zijn. ¶ 醉ふ zeeziek zijn. ¶ 煙草醉ふ misselijk zijn van het rooken. ¶ 汽車醉ふ wagenziek zijn. ¶ 成功醉ふ buiten zich zelven van vreugde zijn over het welslagen. ¶ 大に醉ふ smoordronken zijn.

(様) bn. (1) [樣式] manier v.; wijze v.; methode v. (2) [種類] soort v. (3) [外觀] uiterlijk o.; voorkomen o. ¶ 此樣な zulk; zoodanig. ¶ 此樣に zoo; op deze wijze. ¶ 同じ樣に op dezelfde wijze. ¶ ……¶ の樣に als; gelijk; alsof. ¶ 狂人の樣に als een krankzinnige. ¶ いつもの樣に zooals gewoonlijk; als altijd.

zn. kindsheid v.; prille jeugd v. ¶ 幼にして in zijn prille jeugd.

zn. dag van de week. ¶ 何曜日ですか welken dag van de week hebben wij?

(1) [用事] zaken v.mv. (2) [役] dienst m.; nut o. (3) [入費] kosten m.mv. ¶ 用を達する zaak afdoen. ¶ 何御用なのですか wat is er van uw dienst? ¶ お前は用がないのか heb je niets te doen? ¶ 用に立てる gebruik maken van. ¶ 用に立つ bruikbaar zijn; nuttig zijn. ¶ 家庭用 huishoudelijk gebruik. ¶ 用を足す zijn behoeften doen. ¶ 用なき (仕事の無い) niets te doen; vrij; (不用な) onnoodig; nutteloos.

zn. (1) [要點] de hoofdzaak v.; het voornaamste o. (2) [必要] noodzakelijkheid v. (3) [祕訣] geheim o. ¶ 要は om kort te gaan. ¶ 要するに het komt hierop neer, dat ……; om kort te gaan.

zn. oceaan m.

よう

tw. toe nu!; als 't u belieft. ¶ 連れて行つて下さいよう toe, neem mij mee!

yō-洋-

bn. westersch; Europeesch.

SUPPLEMENT (titelwoord)
you酔う
Dronken worden; bedwelmd raken; misselijk worden. ¶ ジャックダニエルですっかり酔ってしまっています。 Jakku Danieru de sukkari yotte shimatte imasu Ik ben totaal dronken geworden op Jack Daniels. ¶ (麻薬で)酔った。 (Sake ya mayaku de) yotta. Dronken, bedwelmd, stoned (op drank of drugs). ¶ マリファナでハイになるのが好きな2人組が、古いマッキントッシュをマリファナ喫煙用の水パイプに改造したのだ。Marifuana de hai ni naru no ga suki na futarigumi ga, furui makkintosshu wo marihuana kitsuenyou no mizu paipu ni kaizoushita no da. Twee gozers die ervan hielden om high te worden op marihuana bouwden een oude Mac om tot een bong [waterpijp voor het roken van marihuana].
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <you>
よう (1) [flexiemorfeem dat de wil;het voornemen van de spreker uitdrukt]; (2) [flexiemorfeem dat een speculatie van de spreker uitdrukt]; (3) [flexiemorfeem dat in de constructie ~とする een ophanden zijnde gebeurtenis aankondigt]; (4) [flexiemorfeem dat billijkheid;gepastheid uitdrukt]
よう hallo!; hoi!; hé!
(a) inbrengen; (b) inhoud; (c) vorm; uiterlijk; (d) verhoren; aanvaarden; vergeven; (e) innerlijke rust; (f) eenvoudig
(1) [ritsuryō] heffing in natura ter vervanging van de jaarlijkse burgerdienst; (2) middelmaat; middelmatigheid; alledaagsheid; mediocriteit; banaliteit; (a) aanwerven; aanstellen; in dienst nemen; (b) doorsnee; gewoon; neutraal; (c) textiel; rijst geheven ter vervanging van de vroondienst
(1) voorkomen; het eruitzien; aanblik; indruk; (2) [aangehecht aan de ren'yōkei]; (3) zó(danig) dat ~; (in) voege (dat) ~; opdat ~; teneinde dat ~; met het doel dat ~; om ~; zoals ~; naar ~; (4) op ~ wijze; naar de wijze van ~; à la ~; à l'instar ~; ad instar ~; in de stijl van ~; in de vorm van ~; -achtig
(1) oceaan; (2) Oost en West; [i.h.b.] het Westen
(1) nut; bruikbaarheid; dienst; (2) gebruik; (3) taak; werk; boodschap; klus; karwei; (4) kosten; prijs; uitgaven; (5) (kleine en grote) boodschap; urine en poep; (a) voor; bestemd voor; bedoeld voor; ten gebruike van; ten behoeve van; ad; in usum
schaap
(a) heup; lende; lage rug; taille; (b) gedeelte onder het midden
(1) [plantk.] lob; (2) generatie; tijdperk; (3) [boeddh.] mandaat; ambtstermijn; (4) blad; (5) [maatwoord voor op een blad lijkende voorwerpen waaronder vellen papier;foto's;kaarten;briefkaarten;boekenleggers]; (6) [maatwoord voor bladzijden]; (7) [maatwoord voor stofjes]; (8) [maatwoord voor bootjes;schuiten]; (a) [plantk.] blad; (b) vel; [飛行機の] vleugel; (c) generatie; tijdperk
(1) hoofdzaak; essentie; kern; kernpunt; hoofdpunt; spil (waar alles om draait); hoofddoel; hoofdbedoeling; (2) nood; noodzaak; vereiste; must; (3) noodzakelijk; vereist; nodig; (a) eisen; vorderen; vergen; (b) onontbeerlijk; nodig; noodzakelijk zijn; (c) besluiten; samenvatten; (d) kern; hoofdzaak; spil; (e) wachten; opwachten
(a) ver; afgelegen; (b) zwerven; dolen
酔う you (1) dronken worden; aangeschoten raken; [inform.] teut worden; [inform.] bezopen raken; [i.h.b.] high worden; afgeknoedeld raken; zich zat drinken; zich bezatten; zich bedrinken; [vulg.] zich bezuipen; (2) misselijk worden [tengevolge van reisziekte;zeeziekte;luchtziekte enz.]; (3) zich verliezen in; in een roes raken; in extase raken; in vervoering raken
(1) yang; het positieve; actieve beginsel; (2) zichtbaarheid; uitwendige; (3) met zonlicht beschenen plek; klaarte; (a) zon; zonlicht; (b) zonkant; zuidflank van een berg; noordoever van een rivier; (c) zonnig; warm; (d) veinzing; (e) zichtbaar; openbaar; (f) yang; positief; het actieve beginsel
(a) grootbrengen; opvoeden; kweken; (b) houden; fokken; telen; (c) verzorgen; bijstaan; ondersteunen; (d) zorg voor zichzelf dragen; z'n gezondheid in acht nemen; (e) ontwikkelen; onderrichten
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 1.23 sec. jiten.nl: 10 treffers, warandict: 15 treffers (zoekopdracht: 'you'). 
2005-2026