22 resultaten voor 「つく」
日蘭辭典 (titelwoord)
日蘭辭典 (trefwoord)
hana・鼻
zn.
neus m.; slurf (象の) v.; snuit (
豚などの) m.;
snot (洟) o. ¶ 洟を垂らす een loopende
neus hebben; een snotneus hebben. ¶ 鼻をかむ den
neus snuiten. ¶ 鼻を鳴らす snuiven; snotteren. ¶ とんがり鼻 spitse
neus; puntneus. ¶ 獅子鼻 stompe
neus; platte
neus; mopsneus. ¶ 鼻先で vlak voor zijn
neus. ¶ 鼻元思案 niet verder zien, dan zijn
neus lang is. ¶ 鼻をつんとする den
neus ophalen voor. ¶ 鼻が
利く een goeden neushebben. ¶ 話が鼻にかゝる hij spreekt door den
neus. ¶ 鼻に
掛ける trotsch zijn op, zich beroemen op. ¶ 鼻で笑ふ ironisch lachen; sarcastisch lachen. ¶ 鼻をあかす iemand beschaamd maken. ¶ 鼻に
つく zich
ergeren aan.
niku・肉
zn. (1) [獸
肉]
vleesch o. (2) [印
肉] stempelinkt v.; inktkussen o. ¶
肉慾 zinnelijke
lust. ¶
肉が
つく dik worden. ¶
肉が
落ちる mager worden. ¶
肉の vleeschelijk; des vleesches. ¶
肉が多い vleezig.
SUPPLEMENT (trefwoord)
kanroku・貫禄
De waardigheid, de stijl etc. die mensen van iemand ervaren door zijn of haar houding of figuur; het gezag of gewicht dat iemand heeft; prestige; status; autoriteit; overwicht; aanzien; tegenwoordigheid; voorkomen; ernst. ¶ 貫禄のある
kanroku no aru gewichting; belangrijk; aanzienlijk; gerespecteerd; vooraanstaand; prominent; notabel. ¶ 貫禄がついた
kanroku ga tsuita (idem.) ¶ 君は課長としての貫禄がないね。
Kimi wa kachō to shite no kanroku ga nai ne. Je mist de autoriteit van een afdelingshoofd.; Je hebt niet het gezag van een afdelingshoofd.; Je hebt voor een afdelingshoofd niet genoeg aanzien. (TTC)
NB het woord 貫禄
kanroku verwees oorspronkelijk naar (de omvang van) het salaris van een
samurai in dienstbetrekking, en afgeleid daarvan zijn belangrijkheid.
saitei・最低
(na-adj,no-adj,znw,bw) (1) het
minste;
ten minste; allerminste; het laagste; het allerlaagste. ¶ 最低限
saiteigen het
minimum. ¶ 最低気温
saitei kion minimum temperatuur; laagste
temperatuur. ¶
私たちは1日に最低7
時間は寝なければ
ならない。
Watachitachi wa ichinichi ni saitei shichi jikan wa nenakereba naranai. We
moeten op een dag minstens zeven uur
slapen. (2) [naar een maatstaf of rangorde] het slechtst; de laagste
rang. ¶
これは
今まで読んだ
中で最低の
本だ。
Kore wa ima made yonda naka de saitei no hon da. Dit is het slechtste
boek dat ik
tot nu toe heb gelezen. (3) [van iemands karakter] walgelijk;
verdorven;
verwerpelijk;
gemeen. ¶ そんな
嘘を
つくなんて
彼は最低だ。
Sonna uso wo tsuku nan te kare wa saitei da. Hij is
verwerpelijk dat hij dat soort leugens vertelt. (TTC) (4) [uitroep van walging of afkeer] Walgelijk!; Getver!; Gatver!.
TEKST EN UITLEG (trefwoord)
bron:Aozora Bunko╱Mori Ōgai╱De wilde gans 〈1:9〉・〈青空文庫〉森鴎外『雁』
部屋で
酒盛をして、わざわざ
肴を拵えさせたり何かして、お上さんに
面倒を見させ、我儘をするようでいて、実は
帳場に得の
附くようにする。
Wanneer hij in zijn kamer een
drinkgelag houdt en de hospita laat opdraven om speciaal voor hem vissnacks en dergelijke klaar te maken lijkt hij egoïstisch, maar in werkelijkheid let hij er wel op dat hij goed haar
kas spekt.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <つく>
付く;附く tsuku (1) plakken; (eraan) (vast)zitten; (eraan) (vast)hangen; steken (op); kleven (aan); aansluiten op; zich vastzetten (in; aan); [湯垢が] aanslaan; blijven; [m.b.t. sporen;litteken] achterblijven; erbij inbegrepen zijn; uitgerust zijn met; (2) volgen; vergezellen; achterna zitten; gaan; aan zijn zijde staan hebben; escorteren; [i.h.b.] partij kiezen; trekken voor; aan de zijde gaan staan van; (3) [m.b.t. vermogen;gewoonte;naam;idee enz.] krijgen; [energie;kennis;ervaring enz.] opdoen; verwerven; eigen worden; te beurt vallen; [癖が] een gewoonte aannemen; aankweken; ontwikkelen; zich een gewoonte aanwennen; [喫煙の癖が] zich het roken aanwennen; (4) geluk hebben; fortuinlijk zijn; het treffen; [het iem.] meezitten; goed gaan; boffen; mazzelen; [inform.] zwijnen; [inform.] sloffen; (5) zijn beslag vinden; uitgemaakt raken; in orde raken; geregeld raken; [m.b.t. contact;connectie] tot stand komen; [m.b.t. wegen;infrastructuur] aangelegd worden; (6) [m.b.t. prijskaartje] hangen aan; [goedkoper;duurder enz.] uitvallen; neerkomen op [x euro enz.]
即く tsuku [王位;帝位に~] de troon bestijgen; beklimmen
吐く tsuku (1) [へどを] braken; overgeven; kotsen; (2) slaken; [ため息を] zuchten; (3) [息を] ademen; ademhalen; (4) [悪態を] uitslaan; uitkramen
就く tsuku (1) [werk enz.] vinden; [een functie;ambt;leeropdracht enz.] aanvaarden; [aan het bewind;op de troon enz.] komen; [de troon] bestijgen; beklimmen; [in een nieuwe baan enz.] beginnen; [bij het leger enz.] dienst nemen; [aan het werk enz.] tijgen; (2) [m.b.t. reis] aanvaarden; aanvangen; [in slaap] vallen; [m.b.t. de wacht] betrekken; [in de verdediging enz.] gaan; (3) les; college lopen (bij); studeren (bij); [de weg van de minste weerstand enz.] volgen
憑く tsuku [心霊;魔物が] bezit nemen van; invaren; zich manifesteren; doorkomen
点く tsuku (1) [m.b.t. licht;vuur;lucifer] aangaan; gaan branden; ontbranden; [i.c.m. 火が] vuur; vlam vatten; ontvlammen; in brand raken; (2) aangaan; in werking treden
着く tsuku (1) arriveren; aankomen (in); [zijn bestemming enz.] bereiken; [scheepv.] binnenlopen; aanlanden; [m.b.t. trein] binnenkomen; (2) [席に] plaatsnemen; (op z'n plaats) gaan zitten; z'n plaats innemen; (3) [食卓に] zich aan tafel zetten; aanschikken; aan tafel gaan; aan de tafel gaan zitten; [Belg.N.] z'n benen onder tafel steken; (4) raken; aanraken; komen tegen
突く;衝く;撞く tsuku (1) steken; prikken; priemen; spietsen; (2) porren; poken; stompen; aanstoten; duwen; [inform.] douwen; stoten; rammen; [m.b.t. hoornvee] nijten; een stoot; por; zet; tik; klopje geven; [m.b.t. zegel] drukken; [m.b.t. bal] tikken; [m.b.t. biljartbal] stoten; [een pluimpje;klok enz.] slaan; [i.c.m. 溜め息を] slaken; [i.c.m. 溜め息を] lozen; (3) zetten; plaatsen; planten; [krukken enz.] gebruiken; [op de knieën] vallen [m.b.t. dunne;langwerpige voorwerpen die als steun geplaatst worden]; (4) aanvallen; belagen; [de geringste redeneerfout enz.] aangrijpen; [iets in zijn achilleshiel enz.] treffen; [iem. in zijn zwak enz.] tasten; [op de kern van de zaak enz.] slaan; (5) [alle weer;de elementen enz.] trotseren; het hoofd bieden; braveren; tarten; (6) [de neus enz.] prikkelen; [m.b.t. stank enz.: in de neus] slaan; snerpen (in); [door de ziel enz.] snijden; [iem. in zijn hart enz.] raken; treffen; diep schokken
Tijd: 1.27 sec. jiten.nl: 14 treffers, warandict: 8 treffers (zoekopdracht: 'つく').
2005-2026